maandag 17 december 2007

Niemeyer werd honderd


Zaterdag werd Oscar Niemeyer honderd. Niemeyer is een Braziliaans modernistisch architect, die misschien vooral bekend werd vanwege zijn betrokkenheid bij de aanleg van Brasilia, de nieuwe hoofdstad van zijn land. Brasilia moest een impuls geven aan het Braziliaanse binnenland. Of dat gelukt is, is niet meteen duidelijk: Brasilia blijkt vooral een verzamelplaats van ambtenaren te zijn. En net als de Euro-ambtenaren in Brussel willen die in het weekeinde zo snel mogelijk de stad te verlaten. Brasilia illustreert bovendien in de praktijk waarom de modernistische zoning-filosofie niet werkt: als je alle functies scheidt -werken in één wijk, wonen in een andere, winkelen in nog een andere, sporten weer elders, school nog weer elders- dan zit iedereen de hele tijd in de auto en blijft er weinig stadsleven over.

Maar daar willen we het niet over hebben. Niemeyer is vooral architect. Wat ons intrigeert is waarom we het meeste van Niemeyer mooi vinden. Vroeger dachten we dat het met het klimaat te maken had: je ziet zijn gebouwen meestal afgebeeld tegen een stralende hemel. Geen kunst: met dat weer ziet alles er fraai uit, besloten we. Maar dat gaat dan bijvoorbeeld weer niet op voor de Niemeyer-creaties hier in Europa. Het hoofdkwartier van de Franse communisten in Parijs, zoals hierboven afgebeeld, bijvoorbeeld. Een zeer geslaagd gebouw met tevreden gebruikers, leerden we ooit uit een documentaire op TV. Niet vanzelfsprekend, omdat een flink deel van de infrastructuur -de grote congreszaal, bijvoorbeeld- zich grotendeels onder de grond bevindt.

Nu denken we dat het met de ronde vormen te maken heeft. Die zijn Niemeyers handelsmerk. Niemeyer maakt gebouwen die onwillekeurig aan sportauto’s uit de jaren vijftig en zestig doen denken: gestroomlijnd, gewelfd, sensueel. Spontaan zou je met je hand de vormen willen volgen. Dat maakt zo’n gebouw onmiddellijk menselijk. Dat heb je niet met de schoendozen uit glas en beton die zijn collega‘s modernisten bedachten.

Niemeyer gaat, ondanks zijn hoge leeftijd, stug door. In het mijnbouwstadje Avilés in het Noord-Spaanse Asturië wordt, lazen we in de krant (De Standaard, 15.12.07), op basis van zijn schetsen, een Oscar Niemeyer-centrum gebouwd dat een "global art village" moet worden. Zo op het eerste gezicht wordt het nog wat zoeken. Net als alle organisatoren van van bovenaf bedachte evenementen willen ze vooral De Jeugd bereiken. Het centrum heeft het onder meer over "hiphopconferenties, rapconcerten en graffitiwedstrijden". Onmiddellijk denk je dan aan pastoors uit de jaren zestig die De Jeugd terug naar de kerk wilden lokken met beatmissen.

Eigenlijk hopen ze daar in Avilés gewoon op een Guggenheim-effect, zoals in Bilbao. Ze willen met een opmerkelijk gebouw toeristen lokken om zo de lokale economie er bovenop te helpen. Daar is uiteraard niets mee mis, maar laat de jeugd er buiten. Jong zijn is sowieso geen pretje. En zeker niet als er van je wordt verwacht dat je, via je deelname aan hiphopconferenties, rapconcerten en graffitiwedstrijden, ook nog eens de economie aanzwengelt.

Terug naar Niemeyer: op deze Braziliaanse site vind je een overzicht van zijn werk. Klik op Pesquisa e Documentação - Sede en dan, onderaan, op Oscar Niemeyer en dan vervolgens op avancar om door te gaan. Surfen in Brazilië: zo kom je nog eens ergens.

(Bronvermelding: de foto komt van de site van Olivier Van Beemen, een Nederlands correspondent in Parijs)

Geen opmerkingen: