vrijdag 6 juni 2008

Correctievloeistof


De laatste keer dat we een potje Tipp-Ex tegenkwamen was in een Belgenmop. Hoe kan je zien dat er een Belg aan je computer heeft gezeten? Als er Tipp-Ex op het scherm kleeft. Woeha!

Tipp-Ex! Dacht je dat je netjes klaar was met je werk: shit, een tikfout. Potje Tipp-Ex -correctievloeistof in mooi Nederlands- erbij en zo voorzichtig mogelijk de fout bedekken. Tekst terug in de machine draaien en de verbetering tikken. Klaar! Néééé! Tipp-Ex was nog niet helemaal droog: de versgetikte letter baande zich een weg door de dekverf. Dan maar een nieuwe laag aanbrengen. Help! De nieuw aangebrachte verf trekt oneffenheden in de nog vochtige eerste laag. Raààààààh. Dan maar alles opnieuw.

Het kon altijd nog leuker. Potjes Tipp-Ex droogden na verloop van tijd uit, vooral als je ze al eens liet openstaan. Dan kon je thinner toevoegen, die gebruiksvriendelijk, met een soort van schenktuit, in hetzelfde formaat als de potjes correctievloeistof werd verkocht. Eén probleem: je kon nooit goed zien hoeveel verdunner je toevoegde. Had je net bijgetankt en wou je een tikfout wegverven, kon je er donder op zeggen dat je mengsel te dun was en je een olie-achtige vlek op je nette tikwerk had aangebracht.

En toch blijken er nog mensen te zijn die blijven zweren bij de schrijfmachine, berichtte recent de BBC. Waarom? Thrillerauteur Frederick Forsyth heeft bijvoorbeeld zo zijn redenen: I have never had an accident where I have pressed a button and accidentally sent seven chapters into cyberspace, never to be seen again. And have you ever tried to hack into my typewriter? It is very secure.

Filosoof Richard Polt waardeert dan weer het disciplinerend karakter van de schrijfmachine: There are so many distractions with the internet, it is also so easy to change and delete what you have written. It is too easy to dither.

Nogal wat bezoekers van de BBC-site vertellen enthousiast over hun liefde voor de schrijfmachine. Als zelfverklaard tegenstander van alle nieuwlichterij begrijpen we dat natuurlijk wel. Maar de herinnering aan het gesukkel met de potjes Tipp-Ex maakt dat we deze keer de nostalgie maar aan ons voorbij laten gaan.

Overigens, laat een Belgische lezeres weten: They still make identity cards and drivers' licenses with typewriters in the Brussels communes. Computers would probably make things faster and more efficient, eliminating precious jobs in this third-world banana republic.

Wie dat met eigen ogen wil zien: snel naar het belastingskantoor van Vorst. Eén computer voor de hele dienst. En die computer staat in het bureau van de chef. Maar die kan er, jammer genoeg, niet mee werken. En dus knoeit iedereen voort met potjes Tipp-Ex.

Maar wel vriendelijke en behulpzame mensen. Geen kwaad woord.

Geen opmerkingen: