dinsdag 9 juni 2009

Naar Morrissey geweest


We zijn naar Morrissey geweest. En was het, zoals destijds de Dichter van Ertvelde na zijn bezoek aan de Lichtstad meesterlijk in rijm vatte, ook een reuzefeest?

Inderdaad.

Enkele impressies:
1. Meer Smithsnummers dan verwacht/verhoopt. Niet, zullen alle fans beamen, dat we de liedjes uit de latere solocarrière minder vinden. Maar, laten we eerlijk wezen, de Smiths dat was toch nog net iets meer.
2. Heel slim: Morrissey kiest altijd voor jonge muzikanten. Een podium vol oude rockers is immers niet noodzakelijk bevorderlijk voor de appetijt. Noch bij het publiek, noch bij de optredende artiesten. Morrissey had een stel jonge honden bij dat duidelijk nog alles wil bewijzen. En dan heeft iedereen er plezier aan.
3. Onze held werd recent vijftig. Het overgrote deel van het publiek duidelijk ook. Sommigen zien er inmiddels uit als de bibliothecarissen, computerprogrammeurs of sales managers die ze in het dagelijkse leven zijn geworden. Maar toen Morrissey het podium betrad stonden ze weer allemaal, net als toen, enthousiast mee te shaken. Tegen het einde van het concert zag je er wel meer en meer die maar even terug gingen zitten. De wil is er nog wel, maar de fysiek doet niet altijd meer mee.
4. Ook fijn: Morrissey's concerten worden altijd voorafgegaan door filmpjes die onze held leuk vindt. Stukjes traditionele musical, dialogen uit oude films, clipjes van rockers uit de pionierstijd, Shirley Bassey in de jaren zestig op een Italiaans songfestival. Dat soort dingen. Ook: het clipje van het liedje dat de Sparks vorig jaar over hem schreven: Lighten' Up Morrissey. Zelfspot, als het ware.

Dankzij de wonderen van de techniek kan je zo'n volledig Morrisseyconcert thuis nog eens dunnetjes over doen. Een goede ziel verzamelde de filmpjes voor alle nummers die op deze tournee op de setlist staan. En zette die vervolgens op een site. Met meteen ook de liedjesteksten erbij: hier. Een werk van liefde.

En nog een spreekwoordelijk toemaatje: het officiële filmpje van de single uit de laatste CD, I'm Throwing My Arms Around Paris. Met daarin ondermeer twee vriendelijke Franse hondjes.

Samenvattend: we zijn naar Morrissey geweest. En het was een, eh, reuzefeest.

(Het verslag uit de krant: hier)

maandag 8 juni 2009

Vrouwenkwesties


Eergisteren zagen we hoe de Russische vorst Vladimir de Eerste, na rijp beraad, besloot van het orthodoxe geloof de staatsgodsdienst te maken. Maar bijna liep het nog mis. Omwille van vrouwenkwesties.

In die jaren had de Byzantijnse keizer Basilius de Tweede (957-1025) achtereenvolgens af te rekenen met een revolte in het leger en met een opstand in Bulgarije. Hij verzocht zijn nieuwe bondgenoot, Vladimir, om militaire bijstand. Die was daar in principe niet tegen, maar eiste boter bij de vis. In casu: de hand van Anna, de zuster van de keizer. Die ging daar in eerste instantie niet op in en dus voerde Vladimir de druk op. Hij nam de stad Cherson in en dreigde vervolgens ook Constantinopel te veroveren als er geen huwelijk kwam.

"Basilius antwoordde dat zijn zuster alleen met een christen kon trouwen, waarop Vladimir zich prompt liet dopen. Terug in Kiev beval Vladimir de afgodenbeelden op de oever van de Dnepr in stukken te hakken en te verbranden. Het houten beeld van oppergod Peroen werd vastgebonden aan de staart van een paard en naar de rivier gesleept, terwijl twaalf man het onderweg met stokken ranselden. Tot slot werd het beeld in de Dnepr gegooid. Van dat moment af was het christendom de staatsgodsdienst. Vladimir werd na zijn dood eveneens heilig verklaard."

Raymond Detrez, Rusland. Een geschiedenis, Antwerpen, 2008.

(Het prentje: de oppergod Peroen in betere dagen.)

zaterdag 6 juni 2009

Niet over één nacht ijs


De Russische vorst Vladimir de Eerste (958-1015) vond dat zijn land een staatsgodsdienst nodig had. In landen waar ze dat hadden, merkte de vorst op, zorgde dat voor samenhang en -ook nooit weg- voor legitimering van de macht. Een staatsgodsdienst dus. Maar welke dan?

"Vladimir ontbiedt een katholiek, een moslim en een joodse geestelijke aan zijn hof om hem de voordelen van hun respectieve religie uiteen te zetten. In de islam trekt hem de polygamie wel aan, maar de besnijdenis en het verbod op het eten van varkensvlees en vooral op het drinken van alcohol zeggen hem minder. 'De drank is de lust en leven van de Russen', verklaart hij. 'Wij kunnen niet zonder dat plezier'. Aan een God als die van de Joden, die Zijn volk verjaagd en verstrooid heeft, meent Vladimir weinig te zullen hebben. De redenen waarom de katholieken bij hem geen bijval vinden, hebben te maken met hun pleidooi voor langdurig vasten. Vladimir voelt het meest voor de Byzantijnse kerk, maar omdat hij niet over één nacht ijs wil gaan, zendt hij nog tien wijze mannen naar de Wolga-Bulgaarse moslims, de Duitse katholieken en de orthodoxe Grieken om poolshoogte te nemen. In Constantinopel geraken de tien zo onder de indruk van de pracht en praal van de liturgie, dat ze 'niet meer weten of ze zich in de hemel of op aarde bevinden.' De kogel was door de kerk."

Raymond Detrez, Rusland. Een Geschiedenis, Antwerpen, 2008.

(Het prentje: Het doopsel van Vladimir de Eerste, Victor Vasnetsov, 1890.)

vrijdag 5 juni 2009

Heuptechniek


Vandaag precies drieënvijftig jaar geleden, 5 juni 1956: toen is het allemaal begonnen. Elvis te gast in de Milton Berle Show. Dames en heren, hou u vast, hier komt the fastest rising young singer in the entertainment industry!

Elvis brengt een enthousiaste versie van Hound Dog en laat televisiekijkend Amerika kennismaken met zijn hoogst persoonlijke heuptechniek. Volgens de overlevering spraken de mensen daar naderhand schande over. Maar het hek was van de dam: overal te lande omgordden jongelui de gitaar en werden aarzelend Elvis' danspasjes geïmiteerd. De rest is, zullen we maar zeggen, geschiedenis.

Op TV, als je het filmpje bekijkt, viel dat in termen van wereldschokkend en geschiedenisbepalend nogal mee. Let op een paar dingen:

1. Milton Berle die zomaar, bij het begin van het filmpje, met zijn handen in Elvis' haar zit. Vandaag zouden we dan vreemde dingen denken. Toen dus nog niet.
2. Elvis wordt toch vooral als een rariteit gezien. Milton Berle imiteert Elvis met een gek dansje en informeert bij Elvis hoe hij meisjes kan binnendoen.
3. Elvis ziet er zelfs in deze omstandigheden geweldig cool uit. En hoe meer hij beschaafd met twee woorden spreekt, hoe cooler het wordt. Laat dat een les wezen, jongelui!

The fastest rising young singer in the entertainment industry. Hou die kerel in het oog.

donderdag 4 juni 2009

Sterke kandidaat


Ziet er anders ook een héél sterke kandidaat uit.

woensdag 3 juni 2009

Mensenschuw


Dick Ket was mensenschuw. Dat is uiteraard een groter nadeel wanneer je bijvoorbeeld schoenenverkoper wil worden dan, zoals in het geval van Ket, schilder. Als schilder kan je, zoals Ket, je nog altijd specialiseren in stillevens. Daar komen niet noodzakelijk veel mensen aan te pas. Of in zelfportretten. Dat is ook nog te overzien.

Aan Ket's mensenschuwheid danken we een hele reeks schilderijen van bloempotten, pannen, kannetjes, geëmailleerde waskommen, geblokte handdoekken, apothekersflesjes, houten speelgoed en andere huisraad. En, zoals gezegd, zelfportretten. Met baret, voor de spiegel, met broodje, met hoed. En zoals hierboven, uit 1932, Zelfportret met Bolskruik.

Ket was niet alleen mensenschuw. Hij had ook hartproblemen. Het grootste deel van zijn leven bracht hij door bij zijn ouders in Bennekom. Onderwijl wel trouw corresponderend met zijn vroegere studiegenote en eeuwige verloofde, Nel Schilt. In 1940 stierf Ket, amper achtendertig jaar oud.

Tot eind augustus kan je een aantal van Ket's zelfportretten zien in het Noordbrabants Museum in Den Bosch.

Mensenschuw: tegenwoordig heet dat introvert. En als mensenschuw mens wordt nu van je verwacht dat je je samen met andere mensenschuwe mensen manifesteert als zijnde trots op je mensenschuwheid.

Dat heeft Ket niet meer mogen/moeten meemaken.

dinsdag 2 juni 2009

Dat liep goed af


Dat weten jonge mensen niet meer: emails van de eerste generatie ontsnapten soms wel eens.

En tegen dat je zo'n gloedhete, net binnengekomen mail dan eindelijk had kunnen vangen, zaten je bureaublad, de muren van je kantoor en je nette pak vol schroeivlekken. En dan volgde het allermoeilijkste: dat ontsnapte bericht weer terug proberen in je computer te duwen. Daarvoor dienden die massieve diskettes die we vroeger gebruikten. Je gaf er zo'n op hol geslagen email een geweldige tik mee en vervolgens mepte je er op tot ie ophield met tegenstribbelen. Dan snel in het diskettegleufje proppen en op enter duwen. Daar ging ie dan, helemaal terug naar cyberspace. Héhé, dat liep goed af.

Ja, we komen van ver.

maandag 1 juni 2009

Indianen: voor en tegen


Lang, lang geleden was er de film Dances With Wolves. Als je die had gezien kon je je blanke medemens alleen maar minachten. Stuk voor stuk slechteriken. Althans in de film. Alle indianen bleken daarentegen nobele, mystiek aangelegde, warmmenselijk solidaire zielen. Maar de blanken? Roven, verkrachten, liegen en bedriegen. Niet fraai.

Het mooie was dat je je moeiteloos talloze Hollywoodfilms uit een eerdere periode voor de geest kon halen die precies in de tegenovergestelde zin werkten. Alle indianen redeloze wilden. En de blanken steevast nobele pioniers. Evenmin fraai.

Waarmee we willen zeggen: wie er in slaagt de gevoelige snaar te raken, kan mensen alles wijsmaken. Voor de indianen, tegen de indianen? Het volstaat ze respectievelijk als edel en mystiek, dan wel als onbeschaafd en redeloos voor te stellen.

In de NRC van vrijdag vertelt een leraar over hoe hij zijn klasje over de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust probeerde te leren. Erg veel indruk maakten al die verhalen van onrecht en geweld niet. Tot hij het had over Blondi, de hond van Hitler. Die werd, toen Hitler zelfmoord pleegde, afgemaakt met een cyaankaancapsule. Net als haar vijf puppietjes. Ojee, toen was de verontwaardiging algemeen. Die arme diertjes.

Die twee voorbeelden geven aan waarom je geen morele stelsels kunt bouwen op empathie en inlevingsvermogen. Morele regels baseren op emoties werkt niet.

Dat werkt wel als die ander voldoende zielig of sympathiek is. Als die ander echter het ongeluk heeft geen leuk mens te zijn, houden de empathie en dus de morele betrokkenheid op. Asielzoekers, indianen, joden of gehandicapten met een laag puppiegehalte kunnen het dan wel vergeten.

Denk daar op deze pinkstermaandag maar eens over na.

zondag 31 mei 2009

Nuttige kennis


Dat soort dingen leer je niet op school.

Toch wel jammer.

zaterdag 30 mei 2009

Het lot van dictators


Jozef Stalin -de minzaam geschenken in ontvangst nemende opa op het prentje- wantrouwde alles en iedereen. Hij huldigde het principe dat je maar beter de ander een mes in de rug kan steken voor hij dat bij jou doet. En dus schakelde Stalin preventief iedereen uit die potentieel ooit een bedreiging voor hem kon vormen.

Volgens Stalin-biograaf Isaac Deutscher is paranoia het lot van dictators. Interessant is echter dat, volgens Deutscher, dictators daarom helemaal niet gek hoeven te zijn. Hoe rationeler de dictator, hoe groter de kans. Zo ook Stalin:

"The more realistic, sober, and sound the view he took of the men around him, the more acute became his distrust and fear of them. The more he was free from self-delusion, the worse were the nightmares he saw.

Did men like Molotov, Krushev, Malenkov, Kaganovich, Berya, and Mikoyan not mind the execution of Rudzutak, Kossior, Postyshev, and Eikhe, who had been their closest comrades? If they did not mind it, they were scoundrels without a shred of conscience - how, then, could Stalin count on their loyalty? If they did mind, then, no matter how carefully they concealed their feelings, they could not but nurture a deep resentment and a hatred of their heartless master. In either case, Stalin could not take their obedience at its face value. He had to distrust them, watch them, and be on their guard aganist them."


Isaac Deutscher, Stalin. A political biography, 1966.

Als je er over nadenkt is wat Deutscher over Stalin opmerkt universeel van toepassing. Waar mensen macht hebben en hun handen vuil maken, treedt het bovenstaande mechanisme in werking. Ofwel zijn hun medestanders, net zoals zijzelf, zonder scrupules en dus te vrezen. Ofwel hebben die wroeging en dan kan je ze ook al niet betrouwen.

Macht doet vreemde dingen met mensen.

vrijdag 29 mei 2009

Het wonder van wikipedia


Eén van de beste argumenten tegen paternalisme is wikipedia. Paternalisten geloven dat de meeste mensen, zonder deskundige begeleiding, toch maar in hun ongeluk lopen. Daarom is het maar best dat er experten zijn die voor die mensen beslissen wat goed voor ze is.

En wat heeft dat met wikipedia te maken? Dat zit zo. Op wikipedia is in principe iedereen en dus niemand expert. Iedereen kan berichten maken en andermans berichten aanpassen. Paternalisten denken dan: dat loopt in de kortste keren helemaal fout. Als jan en alleman zich met alles en nog wat kan bemoeien, dan heerst onvermijdelijk anarchie. Dan staat wikipedia vol baarlijke nonsens en dan kan niemand nog waar van onwaar, fout van verkeerd en waarheid van verzinsel onderscheiden.

Dat valt in de praktijk nogal mee, leert een nieuw boek over wikipedia: The Wikipedia Revolution, door Andrew Lih. Inderdaad: in de begintijd liepen de dingen soms wel eens uit de hand. Maar het duurde niet zo vreselijk lang of het wikipedia-principe van veralgemeend vrij onderzoek - iedereen kan berichten maken en andermans berichten aanpassen - had een zelfregulerend effect. Wie baarlijke nonsens schreef, kon er van op aan dat die nonsens door anderen zou worden weerlegd. Wie de waarheid naar zijn hand wou zetten, ontdekte dat anderen onvermijdelijk de nodige correcties aanbrachten.

En zo groeide en groeit wikipedia: uitvoeriger en vollediger dan welke encyclopedie ooit. En zelfs aanvankelijke sceptici -inderdaad: bijvoorbeeld uw dienaar, de immer alle nieuwe dingen wantrouwende pst.- moeten nu toegeven: het zit niet slecht in elkaar, dat wikipediagedoe. Maar wat is precies het geheim? Waarom liep het uiteindelijk goed af?

Drie dingen zijn cruciaal gebleken. Eén, er heerst geen anonimiteit. Twee, berichten hebben een lange looptijd. Drie, er lopen scheidsrechters rond.

Een. Wie op wikipedia schrijft moet nergens zijn naam achterlaten. Maar toch laat je een spoor na dat onvermijdelijk naar jouw computer leidt. Een spoor dat bovendien altijd blijft bestaan. Blijkbaar is die minimale vorm van identificatie voldoende. Dat schrikt de idioten en gekken af die de internetpagina's van de kranten onveilig maken met hun anonieme verdachtmakingen en onbeschoftheden.

Twee. Wie op de internetpagina van de krant een mening ventileert, weet dat er na twee dagen niemand meer komt kijken. Dat maakt dat er geen remmingen bestaan. Wie op wikipedia schrijft, weet dat berichten altijd kunnen worden herlezen en herschreven. Blijkbaar werkt dat voldoende afschrikwekkend en disciplinerend. Blijkbaar is dat voldoende om ons tegen onze slechtste eigenschappen te beschermen. In het licht van de eeuwigheid letten we een beetje op wat we schrijven.

Drie. Niet vergeten: op wikipedia lopen scheidsrechters rond. Enerzijds zijn dat de gebruikers zelf, die kunnen aangeven of berichten al dan niet neutraal zijn. (Dat is, samen met de verplichting je beweringen met bronnen te staven, overigens de enige standaard die op wikipedia geldt: berichten moeten neutraal van toon zijn.) Anderzijds is er een klein groepje mensen dat professioneel nakijkt wat er verschijnt en dat, waar narigheid wordt geconstateerd, een waarschuwend signaal achterlaat.

Eigenlijk is wikipedia zo ongeveer wel het allermooiste dat de mensheid in de recente geschiedenis is overkomen. De oude droom van de Verlichting, de Volledige Bibliotheek van Alle Kennis van de Mensheid Binnen Ieders Handbereik, is dichterbij dan ooit. En het beste is: dat gebeurt allemaal spontaan, vrijwillig en zonder de minste dwang. Dat gebeurt in volle vrijheid.

Wikipedia vormt het beste bewijs dat paternalisten ongelijk hebben. De mensen zijn soms beter dan ze denken.

Een bijzonder interessante bespreking van Lih's boek: in de London Review of Books.

donderdag 28 mei 2009

Leeftijd en schoenmaat


Allerlei fantastische mensen worden dit jaar vijftig. Waaronder, vorige week, ook Morrissey. En uiteraard heeft die daar een gefundeerde mening over:
"Age shouldn't affect you. It's just like the size of your shoes - they don't determine how you live your life! You're either marvellous or you're boring, regardless of your age."

De prentjes: onze held, voor (boven) en na (onder). Irish Blood, English Heart (filmpje.)

woensdag 27 mei 2009

De koekoeksklok


“In Italy for 30 years under the Borgias they had warfare, terror, murder, and bloodshed, but they produced Michelangelo, Leonardo da Vinci, and the Renaissance.
In Switzerland they had brotherly love - they had 500 years of democracy and peace, and what did that produce? The cuckoo clock.”

Harry Lime in The Third Man, Carol Reed, 1949.

Het prentje: Orson Welles, (Harry Lime), overlegt nog even met regisseur Carol Reed. Zo meteen beginnen de opnames van de fabuleuze achtervolgingsscène door de riolen van Wenen. Wie nooit The Third Man zag: naar de videotheek, de dvd halen.

dinsdag 26 mei 2009

Gestudeerde jongens


Hoe gestudeerde jongens zich hun oude dag voorstellen.

Hoop doet leven.

maandag 25 mei 2009

De crisis beu


"Consumenten zijn de overdaad aan berichtgeving over de kredietcrisis beu. Ruim de helft van de Nederlandse bevolking vindt dat er op televisie te veel aandacht is voor de crisis, een derde vindt dat dagbladen er te veel over schrijven." (De Standaard, 24.05.09)

Een Nederlands psychotherapeut, ene Rob Vellekoop, meent dat de slechte berichten de crisis verergeren. Daarom begon hij een website, www.lakaandecrisis.nl, die mensen waarschuwt voor een negatieve denkspiraal als gevolg van de voortdurende blootstelling aan slecht nieuws.

"De crisis bestaat vooral in onze hoofden. Het is pure angst", stelt Vellekoop. Van zijn site kan je een mooie poster afladen, die je vervolgens voor je raam kunt hangen, in de hoop zo het slechte tij te keren.

Dat is inderdaad één manier. Een andere lijkt ons de bovenstaande. Lekker buiten eten vandaag. Profiteren van het leuke weer.

Crisis? Welke crisis?

zondag 24 mei 2009

Met Elsschot naar bed


Weldenkende mensen houden niet zo van realisme in de schilderkunst. Dat vinden ze een beetje te gemakkelijk. Niet zozeer het schilderen, dan wel het waarderen ervan.

Een realistisch schilderij, dat kan iedereen begrijpen en dus zal het wel niets zijn, gaat het vooroordeel. Neen, dan zo'n modern abstract non-figuratief doek: als je daarvan houdt, geef je meteen jezelf een brevet van bekwaamheid. Want, het bewijs: domme mensen houden daar niet van. Die zeggen dingen als: "dat kan mijn vijfjarig neefje ook".

Tja.

In de marge van de modernistische hoofdstroom zijn her en der schilders stug blijven voortwerken in de figuratieve traditie. Eén van hen is de Nederlander Kik Zeiler. Van 19 mei tot en met 6 september 2009 loopt er een retrospectieve van zijn werk in het Drents Museum in Assen.

Het prentje: "In slaap gevallen", uit 1989. De schilder geeft in de krant (NRC, 22.05.09) toelichting bij dit schilderij waarop zijn vrouw, Bernardien, is afgebeeld:
"Ze sluimert, ze is bezig in slaap te vallen. Ze heeft net in haar lievelingsgedichten van Elsschot gelezen. Het is daarom ook een muzisch moment. Ze is opgegaan in die poëzie en nu gaat ze op in de slaap. Het boek ziet er in werkelijkheid anders uit, ik heb het dikker gemaakt omdat wij, Bernardien en ik, zouden willen dat hij meer gedichten had gemaakt."

zaterdag 23 mei 2009

De oude Europese hoffelijkheid


Theodor Adorno was een Duits marxistisch filosoof die in de jaren dertig voor Hitler moest vluchten, naar de Verenigde Staten uitweek en daar aan Amerikaanse universiteiten verbleef. Na de oorlog kwam Adorno terug en doceerde aan de universiteit van Frankfurt.

Toen daar, in de jaren 1960, de studentenrevolte losbarstte was Adorno niet mee. Het radicaliserende jonge volkje, dat begrip had verwacht van de oude marxistische filosoof, maakte hem daarom tot mikpunt van hun acties. Rüdiger Safranski, auteur van een hele reeks filosofenbiografieën, vertelt over een merkwaardig incident waarbij hij aanwezig was (De Volkskrant, 22.05.09):

"Dat was in Berlijn waar Adorno een voordracht hield in het auditorium van de Freie Universität. Over Iphigeneia van Goethe. Stel je voor, het was in de hoogtijdagen van de studentenbeweging. Benno Ohnesorg was doodgeschoten door een agent, we wilden graag horen wat Adorno te zeggen had, maar Iphigeneia was niet het onderwerp waarnaar wij reikhalzend uitkeken. Tja, typisch Adorno: de kunst als toevluchtsoord, nietwaar? De Kommune 1, zoals een van die groepen heette, had een happening voorbereid; midden in zijn toespraak zou een studente Adorno, die door zijn vrienden Teddy werd genoemd, een levensgrote teddybeer aanbieden. Tegelijkertijd zouden er balonnen worden opgelaten. Enfin, die studente springt met een teddybeer het podium op. Op dat moment staat op de eerste rij een student op die Adorno te hulp wil schieten. Maar Adorno, die niet helemaal volgde wat er gaande was, zag alleen dat een studente werd lastig gevallen door een jongeman. En als echte gentleman verdedigt hij dan de studente die hem wil beledigen tegen de student die hem in bescherming wil nemen. De oude Europese hoffelijkheid..."

De oude Europese hoffelijkheid.

(Het prentje: Adorno, zelfportret. In 1969 staakte Adorno zijn colleges aan de universiteit nadat hij, tijdens een les, belaagd werd door met ontblote borst protesterende studentes. Later dat jaar overleed de filosoof op vakantie in Zwitserland. Aan een hartaanval, nadat hij tegen het advies van zijn arts, geprobeerd had een 3000 meter hoge berg te beklimmen.)

vrijdag 22 mei 2009

Grote ogen


"In het begin van de jaren veertig volgde ik de jazz niet meer zo op de voet. Er gebeurde haast niets meer. Nog altijd was de Swing aan bod met orkesten als die van Harry James, Glenn Miller, Benny Goodman en Tommy Dorsey.

Maar hun muziek kon de jazzliefhebbers niet meer bevredigen. Enkele van mijn vrienden verklaarden zelfs pertinent dat de jazz dood was. 'Het einde was nabij' verzekerden ze me. 'Het is een fijne tijd geweest, maar al met al is de jazz toch niet zo'n belangrijke muziek geweest als wij eerst dachten, vermits hij niet weerstond aan de slijtage'.

Ik kon het niet geloven. Een muziek die op zo'n korte tijd zo'n fantastische uitbreiding had genomen, kwam niet plots tot een einde. Ik vermoedde dat er ergens iets broeide. Het bleek inderdaad zo te zijn. In de orkesten van Cab Calloway en van Jay Mc Shann zaten enkele jongeren die opvielen door hun gedurfd spel. Trompettist Dizzy Gillespie was het 'enfant terrible' bij Cab Calloway.

Op een avond was ik dit orkest gaan beluisteren en het viel me op dat Dizzy enigszins verveeld meewerkte aan de Swing van deze big band.

Na afloop vroeg ik hem of mijn indruk juist was.

'Natuurlijk verveelde ik me', antwoordde hij, 'dat is geen muziek meer, dat is een omnibustrein, je valt er gewoon bij in slaap. Wil je echte muziek horen, dan moet je met me meekomen naar Minton's. Daar zal je grote ogen opzetten'.

Ik ging mee."

Jan Geysen, Jazz. Muziek van onze tijd, De Standaard Boekhandel, Antwerpen, 1964.

Wat Jan zag en hoorde moet mogelijkerwijs een vroege versie hiervan zijn geweest: Dizzy Gillespie (prentje) en Charlie Parker in 1952 met Hot House (filmpje).

Minton's, voluit Minton's Playhouse, was een club in Harlem. De jongere generatie muzikanten, die de kost verdiende in de grote orkesten, hield er, als hun betaald werk er op zat, geregeld jam sessions. Dat was overigens buiten de muzikantenvakbond gerekend. Die vond dat ongeorganiseerd samenspelen maar niets. Henry Minton, die de club uitbaattte, was echter zelf vakbondsafgevaardigde voor de American Federation of Musicians. En dus lieten ze Minton en wie er kwam met rust.

Dizzy Gillespie en Charlie Parker fungeerden zo'n beetje als de officieuze leiders van het gebeuren. Ze nodigden muzikanten op het podium om mee te spelen. En als ze je, nadat je een solo ten beste had gegeven, vriendelijk toelachten, kon je blijven.

Probeer je dat voor te stellen. Een hele zaal vol grote muzikanten, hopend dat ze op het podium worden gevraagd en, vooral, dat ze er vervolgens geen potje van maken.

En Jan Geysen maakte dat allemaal zomaar mee. Een jongen van bij ons.

donderdag 21 mei 2009

Dat valt tegen


Dacht je dat je aanstaande een nette liberale was of een zorgzame christendemocrate of, waarom niet, een het hart op de goede plaats dragende groene.

En dan blijkt, tijdens je huwelijksnacht, dat ze voor de nationalisatie van de banken is en voor een vermogensbelasting en een planeconomie. Als ze in haar slaap dan ook nog Stalin, Stalin prevelt, dringt zich onvermijdelijk de conclusie op: I Married a Communist. Dat valt tegen. Nameless, Shameless Woman!

Ondanks de veelbelovende titel en dito affiche, blijkbaar toch geen meesterwerk: "The sterling cast can make no headway against cartoon characters, a fatuous script that defies belief, and an enveloping sense of hysteria."

Dat valt tegen.

woensdag 20 mei 2009

Allebei fantastisch


Joanna Lumley -Patsy in Absolutely Fabulous- doet dezer dagen geweldig veel goeds voor de Gurkha's. Dat zijn van huisuit Nepalese soldaten die dienst namen in het Britse leger. En ondanks het feit dat ze zo ongeveer Her Majesties Most Loyal Servants zijn gebleken, hebben ze toch geen recht op een permanente Britse verblijfsvergunning.

Lumley, zelf in India geboren als dochter van een majoor van een Gurkha-regiment, vindt dat -terecht- bollocks en bezorgt premier Gordon Brown, voor wie het leven sowieso al geen lolletje is, regelmatig hoofdpijn door bij elk publiek evenement waarop ze aanwezig is, de zaak van de Gurkha's onder de aandacht te brengen.

In de marge van Lumleys campagne wordt altijd weer verwezen naar haar oorspronkelijke claim to fame, het feit dat ze in de jaren zeventig, als Purdey (prentje bovenaan), deel uitmaakte van het fabuleuze New Avengers-team.

Maar dat mag ons niet doen vergeten dat in de allereerste versie van de Avengers -op de BRT destijds als De Wrekers vertaald, op de RTBF geprogrammeerd als het waanzinnig sexy klinkende Chapeau melon et Bottes de Cuir- niemand minder dan de één en al uit jongensfantasieën opgetrokken Dianna Rigg de vrouwelijke hoofdrol, Emma Peel, speelde (prentje onderaan).

Voor wie er niet bij kon zijn, jongens en meisjes: het verschil tussen de jaren zestig en zeventig? Dianna Rigg en Joanna Lumley.

Allebei fantastisch, daar niet van.

dinsdag 19 mei 2009

Koopjes


Ook de Amerikaanse overheid zet de tering naar de nering. Wat overtollig is, wordt verkocht. En dus kan je koopjes doen.

Wat te denken bijvoorbeeld van deze fraaie kistenhoezen? Als Amerikaanse soldaten op het slagveld sneuvelen worden ze plechtig met de nodige militaire eer begraven. De kist, met daarin de stoffelijke resten, wordt tijdens die plechtigheid verstopt onder een kartonnen hoes, met daarop de Amerikaanse vlag en het Amerikaanse wapenschild.

En die kistenhoezen kan je nu voor een prikje kopen. Je moet ze wel per honderd afnemen. Voorlopig staat het bod op 150 dollar. Geen geld.

LOT (APPROX 100)CASKET CARRYING CASE AMERICAN FLAG CARDBOARD TOP WITH DEPARTMENT OF DEFENSE LOGOS ON EACH END, ASSEMBLED DIMENSIONS 36" X 84" X 23", WOOD BOTTOM DIMENSIONS 32" X 87" X 4"

Of ze nieuw zijn dan wel gebruikt, is niet helemaal duidelijk.

maandag 18 mei 2009

Aloud gebruik


Niet voor gevoelige zielen. Jaarlijks vieren ze in het Spaanse Castrillo de Murcia van 11 tot 15 juni El Colacho. En wat doen ze dan ondermeer? Mannen verkleed als duivels springen over babytjes die in het midden van de straat worden gelegd (Daily Telegraph, 17.05.09).

Mannen verkleed als duivels springen over babytjes die in het midden van de straat worden gelegd? Inderdaad. Aloud gebruik.

En niet komen zeuren. Of ze houden je ondersteboven met je hoofd boven een emmer mortelspecie. Aloud gebruik.

zondag 17 mei 2009

Zondagsrust


Goed dat nog iemand de zondagsrust in acht neemt. Als je op zondag surft naar de website van het Nederlandse Reformatorisch Dagblad dan verschijnt er onderstaand bericht:
Fijn dat u belangstelling hebt voor refdag.nl, de nieuwssite van het Reformatorisch Dagblad.

Vandaag is het zondag. We wijden deze dag in het bijzonder aan de dienst van God. Wij beschouwen de zondag als een rustdag, een opdracht van God en een geschenk, waar we dankbaar voor mogen zijn. Om die reden actualiseren we onze site vandaag niet.

Staat het nieuws dan stil op zondag? Nee, dat niet - we leven in een jachtige tijd waarin het verschil tussen zondagen en werkdagen helaas steeds kleiner wordt.

Morgen brengen we u graag weer op de hoogte van de dagelijkse gebeurtenissen, voorzien van achtergronden, commentaar en opiniërende artikelen. Zoals u dat van ons gewend bent.

Hoofdredactie Reformatorisch Dagblad

Het Reformatorisch Dagblad, behoort tot de zogeheten bevindelijk gereformeerde fractie binnen het gereformeerde protestantisme. Deze groep vormt ook de trouwe achterban van de Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP). Een Nederlandse politieke partij die, wat er ook gebeurt, altijd twee zetels behaalt en in peilingen nooit vooruit of achteruit gaat. De SGP haalt soms wel eens het nieuws omdat ze openlijk de theocratie voorstaat en omdat de vrouwelijke SGP-leden geen vertegenwoordigende of bestuurlijke mandaten mogen bekleden.

Overigens: in de Nederlandse bijbelgordel doet de partij het meer dan behoorlijk. In nogal wat gemeenten in Zeeland en Gelderland haalt de SGP traditioneel scores rond en boven de zestig procent.

Gewoon bij wijze van gedachtenexperiment. Stel een orthodoxe moslimpartij, die voorstander is van de theocratie en die vrouwen uitsluit van politieke mandaten, doet mee aan de verkiezingen en haalt in Rotterdam, Borgerhout of Molenbeek zestig procent van de stemmen. Beschrijf in je eigen woorden de ophef die dit in eigen land en ver daarbuiten zou veroorzaken.

Maar niet vandaag. Vandaag houden we de zondagsrust in ere.

zaterdag 16 mei 2009

De oorlogsjaren van Robbedoes


Niet zoveel mensen weten dat eigenlijk Kwabbernoot verantwoordelijk is voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Wie Robbedoes. Het dagboek van een fantast heeft gelezen, wel. En wie dat album las is natuurlijk ook verguld met het verschijnen van Piccolo in veldgroen, waarin de daarop aansluitende oorlogsjaren van Robbedoes en Kwabbernoot worden gedocumenteerd.

(Wie echt helemaal van niets weet: onmiddellijk naar de stripboekhandel. Koop willekeurig oude exemplaren van Robbedoes en Kwabbernoot. Let op: begin met de alleroudste albums, getekend door Franquin. Wie van nog minder weet en ook Franquin niet kent: koop en lees onmiddellijk alle Guust Flaters. Daarna spreken we elkaar nog wel.)

Robbedoes, dus. Meneer Dupuis, de uitgever van alle Robbedoezen (lezers van Guust kennen hem maar al te goed), zette enkele jaren geleden een reeks op waarin getalenteerde striptekenaars en scenaristen van vandaag aan de slag mogen met de historische personages van Robbedoes en Kwabbernoot. (De Marsupilami, inmiddels hoofdpersoon van een eigen stripreeks, viel buiten de deal.) Sindsdien verschenen er dus een aantal meer experimentele Robbedoezen. Met wisselend succes. Zelfs volstrekt onkritische lezers, zoals wij, moeten toegeven dat sommige albums, zacht gezegd, eh, niet goed waren.

Maar helemaal in de roos was dan weer het hogervermelde Robbedoes. Het dagboek van een fantast door Emile Bravo. Een sterk scenario, een aangrijpend verhaal. Helemaal in de sfeer van de oude Kuifjes, de sfeer van het Brussel van vóór Vanden Boeynants en de massacre van de Noordwijk, van Kwik en Flupke, van de Marolliens. Een ideaal geschenk om uit te delen aan bezoekende buitenlanders, overigens. Als ze dat album hebben gelezen begrijpen ze iets meer van dit rare land en zijn bewoners.

En hoe is de opvolger, Piccolo in veldgroen? Het album werd deze keer gemaakt door Schwartz en Yann. Het is mooier getekend, in de authentieke Franquinstijl uit de beginjaren. Geweldig veel leuke trouvailles: andere stripfiguren doen een gastoptreden, historische personages passeren de revue, er wordt al eens smakelijk Brussels gesproken. Het scenario is goed, maar de ontknoping had toch wel iets scherper gekund.

Los daarvan: mensen moeten vaker stripverhalen kopen. En vooral ook uitdelen aan de jongere generaties. Die kennen alleen debiele afkooksels als Kiekeboe en besluiten op basis daarvan dat klassieke strips verloren tijd zijn. En dan lezen ze maar een Amerikaanse graphic novel of een Japanse manga. Zonde.

Jongens en meisjes: leg je eigen basiscollectie onontbeerlijke strips aan. Zorg dat je de klassiekers bij de hand hebt: Nero's, Asterixen, Lucky Luke's, Guust Flaters.

En de Robbedoezen natuurlijk.

vrijdag 15 mei 2009

Een mooie dag in Minsk


Ook een wetmatigheid: hoe onderdrukkender het regime, hoe vrolijker het er op de foto's aan toe gaat.

Het prentje: een mooie dag in Minsk, hoofdstad van de laatst overgebleven Sovjetrepubliek Wit-Rusland.

(De generaal op de foto lijkt trouwens verdacht veel op één van onze schoonbroers. Die heeft op het volgende familiefeest wel wat uit te leggen.)

donderdag 14 mei 2009

Handig voor onderweg


Computerspelletjes zijn zóóóó passé. Alleen Oudere Jongeren, die zich niet bij hun leeftijd willen neerleggen, houden zich daarmee nog onledig. Hippe coole kids van vandaag vragen zo'n fijne meeneemtrein-in-een-valies aan ouders of grootouders. Handig voor onderweg.

Wat dezer dagen ook ongelooflijk megasupercool is, beste jongeren, is Om Ter Langste Stilzitten. Of Om Ter Meeste Boeken Lezen. Of Om Ter Vriendelijkst Zijn Tegen De Oudere Medemens.

Ja, oompje pst. is helemaal mee met de moderne tijd.

woensdag 13 mei 2009

Geen mening


"There's reasons for that and reasons for this.
I can't think of any just now, but I know they exist."


Bob Dylan, My Wife's Hometown.

Het prentje: François Vercruysse uit Rijmenam. De enige Vlaming die geen mening heeft. Noch over Tom Boonen, noch over het loon van de politici, noch over het Eurovisiesongfestival, noch over de voetbalscheidsrechters, noch over de files, noch over de belastingen, noch over de stemplicht, noch over het weer, noch over het koningshuis, noch over de benzineprijzen.

dinsdag 12 mei 2009

De houten brug van Sneek


Het is maar een ideetje, hoor. Maar kan iemand bovenstaande fraaie houten brug onder de aandacht brengen van de Antwerpse stadsbestuurders?

In het Friese Sneek ontwierp het architectenbureau Onix deze tot de verbeelding sprekende constructie, die de bijzonder dichterlijke naam Akkerwinde meekreeg. Kunnen we er niet ook zo ééntje bestellen in plaats van zo'n Lange Wapper- of Oosterweelding?

Hieronder de brug, van concept tot verwezenlijking. De fotootjes zijn hier en daar bij elkaar gegoogled. Het onderste prentje komt van de site van ene Tuininga, free-lance fotograaf uit de streek. Bij hem vind je nog meer kiekjes van de houten brug van Sneek.





maandag 11 mei 2009

Bang van Lippens


Eén van de prettigere neveneffecten van de crisis is dat de economische krantenpagina's plots een stuk leesbaarder worden. Geen esoterische beurspraat meer, maar doorleefde human intereststories. In zak en as zittende bankiers die diep in hun ziel kijken. Verarmde verzekeringsmakelaars die nu blijken te dromen van een bestaan als meubelmaker of bejaardenhelper. Jammerende graven en baronnen.

Over die laatste categorie willen we het hebben. In De Standaard laten ze dit weekend ene baron Bernard 't Serstevens aan het woord. Behorend tot de fine fleur van de Belgische adel en nu, zoals blijkbaar nogal wat edele vrienden en kennissen, veel centjes kwijt. Dat is natuurlijk het leven en dat hoort bij de beurs. Dat is allemaal niet zo interessant.

Boeiender wordt het wanneer ze 't Serstevens laten vertellen over hoe het allemaal is kunnen foutlopen. "Wij waren bang van de jonge Maurice Lippens", laat de baron zich ontvallen. Dat verklaart veel. Misschien niet zozeer over de beurs, maar vooral over waarom de adel vandaag zo'n zielige indruk laat.

Mannen van adel die bang zijn voor zo'n bankiersventje? Hun voorouders lieten die centenman toch gewoon door hun knecht afranselen? Die hadden de voorouders van Lippens toch eenvoudigweg in de kerker gegooid of geradbraakt of, wat dat precies ook moge zijn, over de kling gejaagd, zoals ze dat in de stripverhalen altijd noemen.

Het probleem met de Belgische adel is dat het geen adel meer is. Wie werd in het verleden geridderd? Wie zich op het slagveld had onderscheiden. Wie brutaler, vechtlustiger en avontuurlijker was dan de anderen (zie prentje). Wie maken ze vandaag baron of graaf? Wie goede werken heeft gedaan, of een mooie film gemaakt over een priester, of iets stichtends heeft geschreven over het samenleven van Vlamingen en Walen. Kunnen we van dat soort nieuwe edellieden iets verwachten? Zie je die heren en dames onze troepen aanvoeren? Niet te verwonderen dat die het in hun fluwelen wambuis doen als ze Lippens tegenkomen. Mietjes!

Wie zouden ze vandaag moeten adelen? De zware jongens die met pitbulls de pleintjes in Kuregem of Molenbeek terroriseren. Die doen eigenlijk niets anders dan wat de verre voorouders van de gevestigde adel deden. Mensen pesten en de duvel aandoen, zodat die hun centjes afgeven.

En wat gebeurde er in het verleden nadat ze die boeven adelden? Die voelden zich plots belangrijk en verantwoordelijk en huurden in de kortste keren iemand in om ze goede manieren bij te brengen en met de juiste visvork te leren eten. In geen tijd oppassende burgers, die je bovendien kon inzetten om andere boeven te vangen.

Dus: als we binnenkort weer horen dat het Onze Vorst behaagd heeft gewone burgers in de adelstand te verheffen: hopen dat het deze keer geen bleekneuzige schrijvers of zichzelfwegcijferende ziekenverzorgers zijn.

Handtasdieven, carjackers en beurzensnijders: daartussen zit de nieuwe adel! Met dat soort volk kan je naar het front. Lippens zet het op een lopen als zo'n nieuwe graaf of baron even met pitbull of baseballbat dreigt.

Bang van Lippens! Wat gaan we nog allemaal lezen in de economische pagina's van de krant.

zondag 10 mei 2009

Baas in eigen neus


Toen ze de Britse filosoof en wielerkenner John Stuart Mill (1806-1873) naar zijn mening vroegen over Tom Boonen en de substanties die Boonen, een volwassen mens in het bezit van zijn volle geestelijke vermogens, in zijn vrije tijd, buiten de koers, neusgewijs tot zich neemt, moest Mill (prentje) niet lang nadenken:

"De schade die iemand de maatschappij toebrengt door een gedrag dat geen duidelijk aanwijsbare verplichting schendt, of enig aanwijsbaar individu kwetst behalve zichzelf, is een ongemak dat de samenleving zich wel kan veroorloven, in ruil voor het veel grotere goed van de menselijke vrijheid."

Dat lijkt zo ongeveer wel het enige en meteen ook het meest zinnige dat over de hele kwestie kan worden gezegd. Maar als Mill eenmaal op zijn praatstoel zit, is het moeilijk hem er weer af te krijgen. En dus ging Mill nog even door:

"De enige reden waarom men rechtmatig macht kan uitoefenen over enig lid van een beschaafde samenleving, tegen diens zin, is de zorg is dat anderen geen schade wordt toegebracht. Iemands eigen welzijn, hetzij fysiek, hetzij moreel, is geen voldoende rechtsgrond. Men kan iemand niet met recht dwingen om iets te doen of te laten, omdat het beter voor hem zou zijn als hij dat deed, omdat het hem gelukkiger zou maken, of omdat anderen het wijs of zelfs rechtvaardig zouden vinden als hij dat deed. Dit zijn goede redenen om iemand raad te geven, of om met hem te redetwisten, of te proberen hem over te halen, of hem te smeken, maar niet om hem te benadelen als hij iets anders doet."

Iedereen baas in eigen neus, dus.