donderdag 25 september 2008

Zonder god, met humor


Mooie tekst van de fysicus Steven Weinberg over geloof en wetenschap in de New York Review of Books . En omdat het wel een flink stuk lezen is hebben we er alvast de juicy bits uitgezocht voor de gehaaste blogbezoeker.

Strikt genomen hoeven wetenschap en geloof elkaar niet in de weg te staan, maar de praktijk leert dat het anders is. Nadat de 11de eeuwse islamitische theoloog Al-Ghazzali poneerde dat het bestaan van natuurwetten godslasterlijk was, vermits zulks impliceerde dat er grenzen waren aan de almacht van God, begon het lange proces van stagnatie in de islamitische wetenschapswereld. Vandaag, zegt Weinberg, zijn er nog slechts drie gebieden waar wetenschappers uit islamitische landen een rol spelen: desalination, falconry, and camel breeding.

En wat met Amerika vandaag? Als iedereen steeds geloviger wordt, gaat dat dan niet ten koste van de wetenschap? Weinberg denkt dat Amerikanen vooral zeggen dat ze geloven. Occasionally I have found myself talking with friends, who identify themselves with some organized religion, about what they think of life after death, or of the nature of God, or of sin. Most often I've been told that they do not know, and that the important thing is not what you believe, but how you live. I've heard this even from a Catholic priest. I applaud the sentiment, but it's quite a retreat from religious belief.

Echt geloven is gelovigen een brug te ver. For many people, the important thing about their religion is not a set of beliefs but a host of other things: a set of moral principles; rules about sexual behavior, diet, observance of holy days, and so on; rituals of marriage and mourning; and the comfort of affiliation with fellow believers, which in extreme cases allows the pleasure of killing those who have different religious affiliations.

En dat soort geloof zonder echt te geloven is, denkt Weinberg, uiteindelijk geen lang leven beschoren. To compare great things with small, people may go to college football games mostly because they enjoy the cheerleading and marching bands, but I doubt if they would keep going to the stadium on Saturday afternoons if the only things happening there were cheerleading and marching bands, without any actual football, so that the cheerleading and the band music were no longer about anything.

Leven zonder God, besluit Weinberg is niet altijd makkelijk. But its very difficulty offers one other consolation — that there is a certain honor, or perhaps just a grim satisfaction, in facing up to our condition without despair and without wishful thinking—with good humor, but without God.

En dat is een erg opmonterende gedachte.

(Het prentje: Het aardse paradijs met de zondeval van Adam en Eva, Peter Paul Rubens en Jan Brueghel de Oude, 1615, Mauritshuis, Den Haag)

Geen opmerkingen: