zondag 17 augustus 2008

Voetbal is een heidense sport


Deze week kon je in de krant (De Standaard, 11.08.08) lezen dat Jezus met zijn vriendjes cricket speelde. Ene Abraham Terian ontdekte in een klooster in Jeruzalem een oud manuscript met daarin een beschrijving van de jeugd van Christus.

Volgens Terian vertelt de tekst over een negenjarige Jezus, die leerling was van de stoffenverver Israël, in het dorp Tiberias aan de kust van het meer van Galilea. "Jezus werd opgedragen om het huis van Israël te bewaken terwijl zijn meester zelf door het dorp ging om kleren te verzamelen die geverfd moesten worden. Maar zodra Israël het huis had verlaten, ging Jezus er vandoor om met zijn vriendjes te spelen".

En nu komt het: "Jezus nam zijn vrienden mee naar de waterkant, en liep met bal en knuppel het water op alsof het een bevroren oppervlak was. Zijn vrienden riepen ’Kijk het kind Jezus, wat hij doet op de golven van de zee!’ En velen kwamen daar samen, en keken naar hem, en waren verbaasd".

Om één of andere reden verbaast óns dat dan weer niet. Cricket is, als je er over nadenkt, wel een héél christelijke sport. Er is geen lichamelijk contact, iedereen loopt er in smetteloos wit bij, wedstrijden kabbelen eindeloos voort, er valt geen onvertogen woord, de spelregels zijn ondoorgrondelijk, niemand denkt er aan de beslissingen van de scheidsrechter in twijfel te trekken. Uitermate saai en vervelend allemaal. Net alsof je in de kerk zit.

Je kunt je daarentegen moeilijk onze heidense voorvaderen voorstellen op een cricketveld. Heidenen speelden ongetwijfeld voetbal. Heidenen vonden het immers niet erg als het er een beetje ruw aan toeging. Heidenen maalden niet om regen of slijk. Heidenen gaven niet om het resultaat, heidenen gaven zich altijd voor het volle pond. Anders kon je net zo goed niet spelen.

Het is vandaag niet anders. Supporters vergeven hun team alles als ze het gevoel hebben dat er met overgave wordt gespeeld. Dat de spelers vechten voor de bal, dat ze, als ze klappen krijgen, weer opstaan en verder bikkelen. Dan wordt er voetbal gespeeld. Dan is het resultaat van ondergeschikt belang.

Onze jongens hadden vandaag, als je louter voortgaat op de cijfers, niet zo'n beste dag. Van het een reeks hoger spelende Walem werd met 2-5 verloren. En toch gingen de supporters niet ontevreden naar huis. Er werd met inzet gespeeld. Er werden aanvallen opgezet. Er werd gelopen en geknokt. Er werd, wanneer de anderen scoorden, met nieuwe moed weer opnieuw geprobeerd. Er werd gevoetbald. Dat zien supporters graag.

(De oude Grieken -zie foto- trapten wel eens een balletje. Vanzelfsprekend: heidenen.)

zaterdag 16 augustus 2008

Onze soort


Deze was te mooi om er geen aandacht aan te besteden. Pinguïn Nils, met als thuisbasis de zoo van Edinburgh, werd in de adelstand verheven. Nils was al een tijdje mascotte van de Noorse Koninklijke Garde en omdat hij dat blijkbaar redelijk geweldig deed kwam er nu, als toetje, nog een Noorse adelijke titel bij.

De Noren, kan je lezen op de site van de BBC -alwaar ze ook een leuk filmpje hebben van het gebeuren- komen elk jaar naar Edinburgh voor de Militaire Parade. Op één van die tripjes bezochten ze de zoo en zagen ze Nils. Liefde op het eerste zicht. En zo werd Nils de mascotte van het regiment.

Ach, op zo'n momenten ben je weer verzoend met je soort. We kniezen en zeuren en treuren. We maken ruzie, we maken oorlog. We voelen ons voortdurend te kort gedaan en nemen ons voor dat ze ons niets zullen wijsmaken. Maar bij het zien van zo'n enigszins dom waggelend vogeltje, dat net een te grote broek aanheeft, worden wij mensen helemaal wak. Zelfs de stoere soldaten van de Noorse Koninklijke Garde.

Dat maakt onze soort dan weer erg, eh, menselijk.

vrijdag 15 augustus 2008

Middelburg


Er zijn mensen die beweren dat er geen grenzen meer bestaan. Dat alle landen op elkaar lijken. Dat het overal eenheidsworst wordt. Die mensen dwalen.

Het volstaat de A12 te nemen richting Nederland. Tussen Zandvliet en Woensdrecht voltrekt zich het mirakel. Zolang je op Belgische bodem bent is het landschap morsig en rommelig. Overal verkeersborden, richtingaanwijzers, betonnen afsluitingen, brugpilaren en zendmasten. Het landschap werd verkaveld door dronken landmeters. Geen twee huizen lijken op elkaar.

En dan rijd je Nederland binnen. Ineens zijn er wijdse vergezichten. Plots lijken de velden eindeloos. Alle huizen zijn familie van elkaar. Meteen rijd je ook op beter asfalt. De wegen zijn perfect onderhouden en alles ademt orde en rust. Je hebt België verlaten. Je passeerde de grens.

Op weg naar Middelburg! Het Zeeuws Museum werd heropend na een grondige renovatie en dat vieren ze met een kleine, maar bijzonder mooie tentoonstelling: Terug Naar Zeeland. Topstukken die ooit bij Zeeland hoorden, maar elders terechtkwamen, werden opnieuw bijeen verzameld. Een zeer heterogene collectie, van Mesdach tot Mondriaan, van zilveren schalen tot wandtapijten. Absoluut hoogtepunt is bovenstaand schilderij van de Congolese ambassadeur Don Miguel de Castro, in 1643 geschilderd geschilderd door Jasper of Jeronimus Becx.

(Ook bijzonder, maar in een heel andere categorie is een tentoongestelde gemummificeerde kat. Die vonden ze in 1958 bij de restauratie van de Grote Kerk van Veere. Mogelijk werd de kat destijds ingemetseld bij de bouw van de kerk, om boze geesten te bezweren.)

De renovatie van het Zeeuws Museum is bijzonder goed gelukt. Erg leuk bijvoorbeeld is de zolderverdieping, waar ze enkele wonderkamers hebben ingericht. Ze brachten er de prullaria bijeen die vermoedelijk overal in de bergplaatsen van musea ligt te verstoffen: porseleinen potten, stukken ceramiek, opgezette vogeltjes, exotische schelpen, een indianenkostuum, een krokodillenembryo op sterk water. Door al die voorwerpen kris kras door elkaar te plaatsen, bereik je het effect van een zeventiende eeuws rariteitenkabinet en benader je een beetje het gevoel van betovering dat onze voorouders moet te beurt gevallen zijn bij het zien van zoveel wonderlijks en vreemds. Mooi gedaan.

Voor de rest, op de andere verdiepingen, veelal zaken die de regio betreffen. Wat opgegraven gebruiksvoorwerpen en grafstenen, de afstudeerwerken van de lokale mode-academie en, uiteraard, aangrijpende foto's en filmbeelden van de grote Watersnood van 1953.

De renovatie heeft ook de cafetaria niet onveranderd gelaten. Daar hebben ze nog altijd puike bruine broodjes met belegen Zeeuwse kaas, maar die worden nu geserveerd op een artistiek bordje met een streepje aceto balsamico en wat sierlijk gedrapeerde nootjes erbij. Dat had nu ook weer niet gehoeven.

Eten en drinken doe je in Zeeland best met inachtname van de regionale tradities. En dus sloten we, na een bezoek aan boekenwinkel De Drvkkery en nog een tussendoortje bootjes kijken in Veere, de dag af in Yerseke. Lekker mosselen eten in restaurant De Schelde.

Alwaar de hele zaak vol zat met Belgen. Van ruimtelijke ordening kennen we niets. Maar als er ergens goed te eten valt schuiven we graag als eerste onze voetjes onder tafel. Ook kunst.

(Morgen zaterdag is het in Yerseke weer de jaarlijkse Mosseldag! Ze zijn er helemaal klaar voor.)

donderdag 14 augustus 2008

Komkommernieuws


Hoeveel mannen denken, wanneer ze een geit zien, aan sex? Noem ons naïef, noem ons geen man van de wereld, maar wij denken dat je dat soort pipo's niet zo vaak tegenkomt.

De gasten van Al-Qa'eda denken daar anders over. Je neemt maar beter het zeker voor het onzekere, vinden ze. Daarom vragen ze de Iraakse bevolking met aandrang om voortaan de geslachtsorganen van vrouwelijke geiten bedekt te houden. Kwestie van niemand op slechte gedachten te brengen.

Maar, kan je lezen in de Daily Telegraph, er zijn, als je er begint op te letten, nog massa's andere dieren, voorwerpen, groenten en fruit die mensen aan sex kunnen doen denken. En dus moeten die volgens de de Al-Qa'eda's ook allemaal hetzij uitgebannen worden, hetzij onder controle worden gehouden.

Zo verbieden de mannen van Al-Qa'eda bijvoorbeeld dat vrouwen suggestively-shaped vegetables kopen, zoals bijvoorbeeld komkommers en augurken. Vrouwen mogen wel tomaten kopen. Met tomaten is voorlopig niets mis. Willen ze een komkommer, dan vragen ze dat maar aan hun man. Die kan, goddank, aan de erotische uitstraling van deze suggestively-shaped vegetable weerstaan.

Het vermogen van religieuze fundamentalisten om overal sex te zien blijft ons verbazen. Maar eigenlijk denken we dat we het mechanisme nu hebben doorgrond. Het gaat als volgt.

Als je begint met mannen en vrouwen strikt van elkaar te scheiden en van alles te verbieden, dan zoekt de geest een uitweg. Voor je het weet begint die effectief bij het zien van geiten en komkommers oververhit te geraken. En daardoor voelen mensen zich, begrijpelijk, zondig en slecht. Maar dat zet ze dan weer aan om zich met nog meer ijver op hun geloof te gooien en nog meer dingen taboe te verklaren. Als gevolg waarvan de geest nog meer verhit geraakt, enzoverder, enzovoorts.

Nee, geloven doe je niet voor je plezier. Maar je hebt er wel een voltijdse dagtaak aan.

woensdag 13 augustus 2008

Brede verbanden


Het is een stuk makkelijker om kant te kiezen als je niet te veel van een onderwerp afweet. Dat merk je als je leest -geen goed idee, trouwens- wat mensen allemaal de wereld insturen op de discussiesites van de kranten.

Zo vind je denkelijk nergens ter wereld zoveel Kaukasusspecialisten als hier bij ons. We winnen dan wel geen medailles op de Spelen, maar in Kaukasologie moeten we voor niemand onder doen. Hier te lande weet blijkbaar ongeveer iedereen waarom Georgië en Rusland deden wat ze deden en hadden moeten doen wat ze niet hebben gedaan. Toch knap van ons.

Nog zo'n onderwerp waar Vlamingen alles van af weten is het Midden-Oosten. Opmerkelijk hoe snel we ook daar, telkens er iets gebeurt, de analyses klaar hebben. Opmerkelijk hoe gemakkelijk dan ook weer alle oude clichés bovenkomen. Mensen weten heel erg precies wat het probleem is met de joden. Daaraan herken je trouwens de deskundigen: in een analyse over Israël en de Palestijnen hebben ze het in één beweging over de joden in het algemeen en wordt meteen ook maar georakeld over de joden hier in België, nu en in de jaren dertig. Daaraan herken je de specialisten: die durven brede verbanden leggen.

Een tijdje terug stond er in de Guardian een interessant stuk over een zo goed als vergeten geschiedenis. Toen de staat Israël ontstond repliceerden een reeks Arabische staten daarop met het afpakken van de nationaliteit van hun joodse burgers. Die werden dan later ook uit het land gezet. Dat ging vaak gepaard met relletjes en plunderingen, waarbij soms doden vielen. Landverlaters werden uiteraard niet vergoed voor de bezittingen die ze achterlieten, meer zelfs: ze moesten een document ondertekenen waarbij ze verklaarden af te zien van schadeclaims. Volgens de VN ging het om zo'n 800.000 mensen die statenloos werden en alles kwijt waren.

Geen haar op ons hoofd denkt er aan om die 800.000 te vergelijken met de 700.000 Palestijnen die, ook als gevolg van de stichting van Israël, huis en haard kwijtraakten en vluchteling werden. Het ene leed compenseert nooit het andere. Maar het gaat wel om een stuk geschiedenis dat, denken we althans, al die deskundige meningspuiers jammer genoeg gemist hebben. Als je weet dat een groot deel van die joodse vluchtelingen en hun nazaten vandaag in Israël woont, begrijp je iets beter hoe moeilijk de verhoudingen daar liggen.

Maar goed: het is een stuk makkelijker om kant te kiezen als je niet te veel van een onderwerp afweet.

(Het prentje: Eugène Delacroix, Joods huwelijk in Marokko, 1837–41. Zorgelozer tijden)

dinsdag 12 augustus 2008

Zo is Boris dus niet


Wij vinden Boris Johnson steeds sympathieker. De enigszins flamboyante Londense burgemeester (op de foto: de achterkant van zijn hoofd) wist vorig jaar ons hart al te stelen met zijn geweldige boek over de Romeinen (genomineerd voor de almaar kleiner groeien-literatuurprijs 2007).

Wat ons nog meer voor hem innam was dat Johnson, na zijn verkiezing, even non-conformistisch bleef. Recent kon je op zijn weblog bijvoorbeeld een stukje lezen over waarom je als Brit beter niet op vakantie ging in eigen land:

Some time before the end of August, I will grab a week’s leave, like a half-starved sealion snatching an airborne mackerel, and whatever happens, that leave will not be taken in some boarding-house in Eastbourne. It will not take place in Cornwall or Scotland or the Norfolk Broads. I say stuff Skegness. I say bugger Bognor. (...) As I prepare for my last-minute booking, I consider it my patriotic duty to find a destination as sunny and foreign as possible.

Elk ander politicus zou in zijn broek doen bij de gedachte alleen al. Iets controversieels zeggen over plekken waar kiezers wonen! Je eigen land niet het allermooiste ter wereld vinden! De burger tegen de haren instrijken! Zo is Boris dus niet.

Vandaag nog leuker. Johnson erfde van zijn voorganger Livingstone de volgende Olympische Spelen. Tijdens de verkiezingscampagne stond Johnson al behoorlijk sceptisch tegenover de plannen: te duur, te groots, te veel wishful thinking. Vandaag als burgemeester, lees je in de krant, blijft Johnson bij dat standpunt. Boris maakt zich zorgen over de geplande infrastructuurwerken. Hij betwijfelt of de bouw van ondermeer een olympisch dorp of een wielerpiste op lange termijn waardevol is en wil er zeker van zijn dat alles wat gebouwd wordt, de komende vijftig jaar nuttig kan gebruikt worden.

Een andere burgemeester zou dromen van jobs, van toeristen, van subsidies, van mega-bouwwerken, van photo opportunities met sportlui en wereldleiders en dus ten allen prijze de Olympische bobo's tot vriend willen houden. Zo is Boris dus niet.
Goed dat tenminste iemand die Olympische windbuilen niet de hele tijd naar de mond praat.

(We gaan nog even door met fulmineren. U mag gerust in tussentijd een koffietje gaan drinken.) Ha! De idioten van het Internationaal Olympisch Comité die dachten dat, door de Spelen aan China te geven, het regime zijn greep op de samenleving zou lossen. Dat ze journalisten overal hun gang zouden laten gaan. Dat er geen censuur zou zijn. Dat ze netjes spreektijd zouden geven aan dissidenten.

Zo'n regime laat niets aan het toeval over. Lees even dit hartverscheurende bericht in de New York Times van vandaag. Het schattige meisje dat tijdens de Openingsceremonie zo mooi zong over het Moederland zong niet. Het meisje waarvan we de stem hoorden was niet fotogeniek genoeg, aldus het regime. Dus moest ze uit beeld blijven.

Zo zijn dat soort regimes. Zo is Boris dus niet.

maandag 11 augustus 2008

Blond zijn is ook niet makkelijk


Vandaag lezen we in de Gazet van Antwerpen -altijd een goeie bron om kennis te nemen van lopend wetenschappelijk onderzoek- dat ook Darwin zich het hoofd brak over de fundamentele kwestie why gentlemen prefer blondes, but marry brunettes.

Blonde dames konden ook in Darwins tijd rekenen op meer dan gewone belangstelling van de heren. Toch bleven ze -althans die indruk leefde- vaker ongetrouwd. Hoe kon dat? Darwin correspondeerde over die vraag met ene John Beddoe, een arts die onderzoek had verricht naar de haarkleur van vrouwelijke patiënten en daaruit concludeerde dat brunettes veel vaker een echtgenoot en kinderen hadden dan blondines. Beddoe wou van Darwin horen hoe dat kwam.

Helaas moest ook de grote Darwin het hoofd buigen. Nochtans had hij zijn best gedaan. Darwin riep, aldus het bericht in de krant, de hulp in van een arts in een ziekenhuis te Bristol die hem cijfermateriaal moest bezorgen. Ook zoon George werd ingeschakeld om die gegevens te analyseren. Maar het mocht niet baten. Zoals Darwin schreef in een hoek van de laatste brief die hij daarover van Beddoe ontving. “Ik moet deze zaak laten vallen”.

Hoe ver staat de wetenschap inmiddels? Dat mannen een voorkeur voor blondines vertonen is wel vaker in wetenschappelijk onderzoek aangetoond. Over of die, desondanks, vaker vrijgezel blijven hebben we nooit cijfers gezien. Maar recent lazen we bij Robert H. Frank wel een verklaring waarom het ons niet zou moeten verbazen zo dat effectief wel het geval zou zijn.

Frank is een econoom en kijkt dus met enige nuchterheid naar de huwelijksmarkt. Bewust of onbewust geven we onszelf en potentiële huwelijkskandidaten punten, meent Frank. Sommige mensen lijken een bijzonder goede partij, omdat ze mooi zijn, jong, gezond, slim, grappig en rijk. Laten we die mensen negens noemen. Naarmate mensen minder van de bovenvermelde eigenschappen bezitten scoren ze lager. Ze zijn zesjes of zevens.

Laten we er van uitgaan dat, als het werkelijk zo is dat mannen blond geweldig belangrijk vinden, dat één van de eigenschappen is op basis waarvan je een negen scoort. Waarom willen dan niet alle mannen liefst een blonde partner?

Omdat, in het algemeen gesproken, blond zijn dames van jongsaf een voordeel biedt. Daardoor zullen zij -of hun ouders- minder de nadruk leggen op de ontplooiing van andere talenten. Iedereen vindt blonde meisjes schattig. Blonde meisjes zullen zich, in het algemeen, minder moeten inspannen om sociaal aanvaard te worden of hun weg te vinden in de samenleving.

Maar dat speelt, als ze later op de huwelijksmarkt komen, in hun nadeel. Mannen gaan er gemakshalve van uit dat een blonde vrouw, behalve haar haarkleur, niet zoveel te bieden heeft. Andere talenten heeft ze immers nooit hoeven te ontplooien, denken ze. Als ze de puntentelling maken van eventuele huwelijkskandidaten weegt die negen voor haarkleur plots in het nadeel van de dames in kwestie: automatisch krijgen ze lagere scores toebedeeld op andere dimensies. Daarom scoren blondines slechter dan brunettes. Ze huwen onder hun niveau of raken zelfs helemaal niet van de straat. Bijzonder onrechtvaardig, natuurlijk.

Blond zijn is, laat het een troost wezen voor blondines én brunettes, dus ook niet altijd makkelijk.

zondag 10 augustus 2008

Redelijk onredelijk


Mensen kunnen niet anders dan overal orde en regelmaat zoeken, zin en betekenis zien. Dat zit in onze genen. Voor moord, genocide en oorlog zoeken we rationele verklaringen. Zo hopen we het onredelijke tot redelijke proporties te herleiden. Dat maakt het leven leefbaar.

Als er dezer dagen vreselijke beelden en berichten binnenstromen uit Georgië en Zuid-Ossetië, dan duurt het niet lang of een deskundige komt uitleggen dat het allemaal goed te begrijpen valt. Olie, strategische belangen, bondgenootschappen: daarom wordt er gevochten. Het onredelijke in redelijke banen gestuurd.

Alsof de dingen zo eenvoudig waren. Waarom staan mensen elkaar naar het leven? Ressentiment, afgunst, angst, misverstanden, onkunde, onkennis, onnadenkendheid, jaloezie, haat, domheid, wraak, bekeringsdrang, superioriteitsgevoelens, groepshysterie, nationalisme, verdwazing, sadisme, zucht naar avontuur, naar sensatie, naar glorie. Bijvoorbeeld.

Allemaal dingen die zich buiten de sfeer van het redelijke situeren en dus ook niet zo vanzelfsprekend ooit zullen worden kunnen uitgebannen. Daarom zoeken mensen liever verklaringen in de materiële sfeer: geld, ongelijkheid, olie, invloedssferen, grondstoffen, allianties. Dat soort zaken kan in principe rationeel worden aangepakt en opgelost. Dat maakt het enigszins beheersbaar. Hopen we althans.

Mensen blijven altijd maar hopen. Ook dat zit blijkbaar in de genen.

(De afbeelding: Pieter Breugel, De Dulle Griet, 1562. Te zien in Antwerpen, Museum Mayer van den Bergh. Op de site van museum geven ze deze toelichting bij het schilderij: Bruegel slaagde erin om op meesterlijke wijze "te schilderen, wat niet te schilderen is", zoals zijn vriend Ortelius over hem schreef, d.w.z. een verschrikking boven mensenmaat, kosmisch en alomvattend.)

zaterdag 9 augustus 2008

De dagelijkse concentratie


Sinds vandaag blogt ook George Orwell zijn woordje mee. Op de site van The Orwell Prize vind je voortaan elke dag een stukje uit Orwell's dagboeken, vandaag een stukje van 9 augustus 1938.

Houden mensen vandaag nog dagboeken bij? Vervangt de blog in toenemende mate het dagboek? Vervult een blog dezelfde functie als het dagboek?

Deels wel. Waarom houden mensen een dagboek bij? Om dingen niet te vergeten, om samenhang en betekenis te geven aan het dagelijkse leven, om hun gedachten te ordenen en nauwkeuriger te verwoorden, om kwijt te kunnen wat ze niet gezegd krijgen, omdat ze graag schrijven. Waarom bloggen mensen? Precies.

Is dagboekschrijven niet een uitermate private aangelegenheid, terwijl bloggers net hun lief en leed met de hele wereld willen delen? Niet echt. Nogal wat dagboekschrijvers vinden het helemaal niet erg om hun zogezegd intiemste gedachten door anderen te laten lezen. Sommigen schrijven zelfs met het oog op publicatie of hopen stiekem dat ze later, na hun dood, worden gelezen.

En ook: wie blogt om de wereld te veranderen, om het laatste woord te hebben, om anderen van zijn gelijk te overtuigen, houdt het meestal niet zo lang vol. Zo verschrikkelijk veel volk leest nu ook weer niet wat je boos en verontwaardigd cyberspace instuurt. Niemand, leer je snel, zit op jouw mening te wachten. Bovendien: al dat schelden en preken wordt al gauw eentonig. Voor de eventuele lezer, maar ook voor jezelf.

Wat bloggen in het bijzonder bevordert is het vermogen om alerter naar de dingen te kijken. Als je jezelf oplegt om elke dag een stukje te maken, let je ook iets scherper op wat er om je heen gebeurt en daardoor ook op jezelf. Je probeert meer consistent te zijn in je voor- en afkeuren. Je doet meer moeite om redeneringen af te maken. Je bent meer opmerkzaam. Bloggen bevordert de dagelijkse concentratie.

Orwell schreef daar het volgende over:

To see what is in front of one's nose needs a constant struggle. One thing that helps toward it is to keep a diary, or, at any rate, to keep some kind of record of one's opinions about important events. Otherwise, when some particularly absurd belief is exploded by events, one may simply forget that one ever held it.

Ja, dat ook natuurlijk.

vrijdag 8 augustus 2008

Wetenschappelijk bewezen


De wetenschap staat voor niets! Australische psychologen hebben de geheimen van de opgroeiende jeugd weten te doorgronden. Bange ouders en radeloze jongerenwerkers kunnen voortaan op beide oren slapen. Het volstaat de muzikale smaak van de jongeren in het oog te houden om te weten hoe het met ze is gesteld. Nog zo gemakkelijk.

Wat ontdekten de Australische vorsers? Teens who listened to pop music were more likely to be struggling with their sexuality, those tuning in to rap or heavy metal could be having unprotected sex and drink-driving, and those who favoured jazz were usually misfits and loners. Het allerergste is blijkbaar een muzieksoort waarvan we het bestaan zelfs niet vermoedden, maar waarbij we ons inderdaad de vreselijkste dingen kunnen voorstellen: Franse rap. Some genres of rap music, such as French rap, were linked to more deviant behaviours, including theft, violence and drug use.

In één beweging wordt dokters aangeraden om, wanneer ze pubers over de vloer krijgen, meteen ook even door te vragen naar de muzikale voorkeuren. Bij het artikel staat alvast een handige overzichtstabel die voor diagnostische doeleinden kan worden gebruikt:

POP: Conformists, overly responsible, role-conscious, struggling with sexuality or peer acceptance.

HEAVY METAL: Higher levels of suicidal ideation, depression, drug use, self-harm, shoplifting, vandalism, unprotected sex.

DANCE: Higher levels of drug use regardless of socio-economic background.

JAZZ/RHYTHM & BLUES: Introverted misfits, loners.

RAP: Higher levels of theft, violence, anger, street gang membership, drug use and misogyny.


Nog uit Australië, een ander interessant nieuwsbericht, ook over de jeugd van tegenwoordig. Toen destijds ook down under de alcoholpops -frisdranken met een beetje alcohol er in- in de winkelrekken verschenen, vreesden ouders het allerergste. En dus besloot de overheid de prijs van die alcoholpops met 70% op te trekken. Dat zou de jongeren van de drank afhouden.

De jongeren in kwestie zagen dat anders. Jongens en meisjes kochten voortaan zelf flessen sterke drank, die ze vervolgens bij hun frisdrank goten. Na de prijsverhoging van de alcoholpops ging de verkoop van sterke drank met 46% omhoog. Oeps, niet de bedoeling.

Ach, eerder schreven we: "Ouders moeten dingen verbieden en onredelijke regels verzinnen. Jongeren moeten verontwaardigd zijn en die regels met de voeten treden. Het kan het plezier van alle betrokken leeftijdscategorieën alleen maar vergroten."

Maar ja, wij luisteren dan ook nog het liefst naar jazz. Introverted misfits, loners.

woensdag 6 augustus 2008

Snel eten


Zelf doen we de meeste dingen traag. Als we fietsen worden we wel eens voorbijgestoken door oude vrouwtjes op rijwielen die al dienst deden toen er nog voor de Duitsers moest worden gevlucht. Als we wandelen veroorzaken we soms files. En deze zomer, op vakantie, zwommen we zo traag dat de kindertjes dachten dat we wel heel lang konden watertrappelen.

Alles traag, behalve koken. In theorie zijn we helemaal voor slow food. Producten zelf gaan halen bij een oude boer. Ingrediënten dagen marineren. Potjes uren laten pruttelen op een zacht vuurtje. Het zal wel. Er gaat, vinden we, minstens een even grote charme uit van snel en geïmproviseerd koken. Thuiskomen, kijken wat er nog in voorraad is, kijken wat eventueel bij wat past en, hopla, aan de slag.

Interessant is dat veel traditionele volkse gerechten uit het zuiden al evenmin geweldig veel tijd vergen. Misschien kwam de oorspronkelijke fast food wel van de kanten van de Middellandse Zee. Uit het boek van de sympathieke Rick Stein -we gedenken nog regelmatig zijn uitermate karaktervolle hondje Chalky (zie de foto) dat menige televisieuitzending opvrolijkte- Rick Stein's Mediterranean Escapes, bijgevoegd zeer simpel, zeer lekker en, bovenal, zeer snel klaar te maken recept:

Nodig:
pasta (in dit geval: spaghetti), zout, goede olijfolie, twee tenen look, een chilipepertje, fijn gesneden, een kleine halve kilo kerstomaten of een beetje zoeterige Roma-tomaten, in stukjes gesneden, een flinke eetlepel kappertjes (je kan in azijn opgelegde gebruiken, maar in dit geval zijn in zout ingelegde lekkerder; wel goed afspoelen), drie grote eetlepels gehakte munt, zwarte peper.

1. Breng water aan de kook voor de pasta. Kook de pasta.
2. Verwarm in tussentijd de olie (twee eetlepels als je met twee bent) in een diepe pan. Pel en plet de teentjes look -zachtjes- en gooi ze mee in de olie. Zet het vuur wat lager en laat de look meebakken tot die goudbruin wordt, haal hem er dan uit en gooi weg.
3. Doe de chilipeper en de tomaten bij de olie. Laat een minuutje bakken, tot de tomaten hun sap beginnen af te geven.
4. Gooi de kappers er bij en de munt. Werk af met zwarte peper.
5. Giet de pasta af en gooi hem bij de saus. Goed door elkaar husselen.
6. Klaar is kees. In ongeveer tien minuten.

Zelf doen we graag op het laatst nog wat garnalen bij de saus. Zowel de kleine grijze als de grote tijgergarnalen passen er uitstekend bij. En afsluitend nog een wijntip: bij Delhaize hebben ze een spotgoedkope, best lekkere Chileense rosé. Het is zomer, dus dan mag dat wel. Casillero del Diablo heet hij, op basis van Shiraz.

Zonder dank.

Man op koord


In het licht van wat er gebeurde krijgt alles wat met de Twin Towers te maken heeft natuurlijk een extra betekenis. Maar dit was wel heel uitzonderlijk: op 7 augustus 1974 wandelde de Franse goochelaar en evenwichtskunstenaar Philipppe Petit op een stalen draad van het dak van de ene toren naar de andere.

En het meest opmerkelijke: niemand, behalve Petits medewerkers, wist er op voorhand van. Petit had zijn stunt gedurende vele jaren voorbereid. Schaalmodelletjes gebouwd van de torens om uit te zoeken hoe ze de zaak moesten aanpassen. Zich laten insluiten om te weten te komen hoe je op het dak geraakt. Materiaal naar boven smokkelen. Bewakersuniforms namaken om geen argwaan te koesteren. En de avond voor de feiten, met pijl en boog, van het ene gebouw naar het andere, steeds dikkere draden over en weer schieten, waarlangs vervolgens een stalen kabel wordt getrokken.

En dan de dag zelf. Petit stapt, honderdentien verdiepingen hoog, de draad op. Beneden kijkt iemand naar boven en ziet iets wat eigenlijk niet kan: kijk een man loopt van het ene gebouw naar het andere. Kijk dan! Meer mensen stoppen: Petit loopt over en weer, doet stunts, maakt sprongetjes, gaat op de draad zitten, liggen, voert een komisch nummertje op met een bijzonder geïnteresseerde zeemeeuw. In totaal loopt Petit acht keer over en weer van het ene gebouw naar het andere. Wie er die dag bij was is een gelukkig mens.

Minder gelukkig waren de autoriteiten. De politie trachtte hem naar beneden te halen. Pas toen ze dreigden hem per helicopter van zijn draad te plukken, zwichtte Petit. Hij vreesde dat de turbulentie van de helicopter te grote schommelingen zou veroorzaken. Petit werd gearresteerd en er kwam een rechtszaak van. De rechter in kwestie begreep de poëzie van Petits daad en veroordeelde hem tot een symbolische straf: Petit moest, voor de kinderen van de stad, opnieuw een wandeling op een koord maken, deze keer over Belvedere Lake in Central Park.

Heel mooi was het antwoord van Petit wanneer men hem vroeg wat hem die dag in augustus 1974 bezielde: “When I see three oranges, I juggle; when I see two towers, I walk.”

Eerder dit jaar won een film, Man on Wire, gebaseerd op Petits exploten, een hele reeks prijzen op Amerikaanse filmfestivals. Hier een trailer van de film, hier een stukje erover. En nu maar wachten tot iemand de film ook naar hier haalt.

Op 11 september 2006 herdacht The New Yorker de Twin Towers met deze cover: een mannetje in het ijle, wandelend van de ene toren die er niet meer is, naar de andere die ook weg was.


“When I see three oranges, I juggle; when I see two towers, I walk.” Groots.

dinsdag 5 augustus 2008

Veel volk vandaag, buurman!


Een goed idee komt nooit alleen. Denk je, als je bij het opstaan de gordijnen opzij schuift: beetje grijs weer vandaag, misschien eindelijk het moment om die zolderkamer eens aan te pakken. Sta je wat later in de Brico tussen tientallen mannen die allemaal hetzelfde idee kregen toen ze deze morgen uit het raam keken.

Wellicht overkwam hetzelfde de brave burgers van de stad Suining in de Chinese regio Sizhuan. Toch wel vreselijk warm, dachten ze die ochtend. Misschien een dagje naar het strand, daar is het vast wel koeler, besloten ze elk voor zich. En een beetje later kreeg je bovenstaand resultaat. Veel volk vandaag, buurman!

Zo'n foto -klik er gerust even op: dan pas zie je hoeveel volk er zich die dag op het strand verzamelde- zegt veel en zegt niets. Enerzijds denk je: toch wel een ander soort, die Chinezen. Je moet wel goed gek zijn om je in dat soort gedrang te wagen en -bestudeer de gelaatsuitdrukkingen van de gefotografeerden- dat bovendien ook nog eens leuk te vinden. Typisch Chinees.

Maar anderzijds: wie weet is deze foto wel geënsceneerd. Misschien was het wel een ideetje van de pientere jongens van de Gazet van Suining, die in volle komkommertijd elke dag weer de krant moeten zien te vullen. Goed idee, Zhu, we vragen mensen om met zoveel mogelijk tegelijk voor de foto te poseren! Misschien kon je wel een mooie prijs winnen als je die dag naar het strand kwam met je opblaasbare eendje of drijfband. Misschien is het een poging om in het Guinness Book of Records te komen.

Misschien niet zo typisch Chinees.

En dat overvalt je de hele tijd bij al die sfeerreportages over China waarmee dezer dagen de kranten en televisiejoernaals worden gevuld. Als je het houdt bij de prentjes kan je meestal alleen maar besluiten: vreemd volkje, die Chinezen. Als er een beetje uitleg wordt bijgegeven, begrijp je de Chinese medemens al een stuk beter. Zo erg verschilt die nu ook weer niet van ons.

Zelf zijn we in het algemeen niet zo onder de indruk van theorieën die willen in de verf zetten hoe verschillend culturen wel niet zijn. Mensen, vandaag of een paar honderd jaar geleden, hier of in Suining, zijn fundamenteel één soort, denken wij.

Het bewijs? We begrijpen elkaars grappen.

Recent kon je op de site van de BBC een selectie lezen van moppen met wel een heel lange baard. Sommige ervan zijn ook nu best grappig. Eéntje van bij de Romeinen, bijvoorbeeld, uit de eerste eeuw voor Christus:

Keizer Augustus wandelt door de stad en merkt een man op die sprekend op hem lijkt. Wel, wel, denkt de keizer. Hij stapt op de man af en vraagt: "Was jouw moeder vroeger misschien in dienst op het paleis?" Antwoordt de man: "Neen, uwe keizerlijke hoogheid, maar mijn vader wel."

Niet zo'n rare jongens, die Romeinen. De Chinezen vermoedelijk ook niet.

(Foto: Reuters, gehaald op de site van Le Figaro)

maandag 4 augustus 2008

Een plezierige voetbalavond


Hoe je het ook draait of keert: sport is nog het leukst als de toeschouwers er ook iets aan hebben. Op de Olympische Spelen van 1900 in Parijs introduceerden de organisatoren een ongetwijfeld fascinerende sport: onderwaterzwemmen. Er waren zelfs punten te verdienen voor verschillende proeven: om ter langst en om ter verst, eh, onder water zwemmen. Ook al werden de proeven in volle Seine georganiseerd (zie foto), het publiek vond er niet zoveel aan en dus verdween de sport al snel terug van het programma.

Op diezelfde Olympische Spelen introduceerden de Fransen nog een andere tot de verbeelding sprekende sport: schieten op levende duiven. Voor de tribunes stonden kooien met daarin de vogels in kwestie. Die werden losgelaten en dan mochten de deelnemers naar hartelust knallen. Ongetwijfeld viel er in dat geval wél iets te zien. Een probleem was echter dat het publiek in de kortste keren onder het bloed en de veren zat. Driehonderd aan flarden geschoten vogels laat sporen na. En zo verdween ook deze sport van het programma.

Wat we willen zeggen is: sport is nog het leukst als je als toeschouwer in de pret kan delen.

Het nieuwe voetbalseizoen komt er aan en gisteren gingen we, ter voorbereiding, kijken naar de eerste thuismatch van onze ploeg, Maccabi. Vorig jaar was er niet altijd veel vreugde te beleven in de tribunes. Er waren keren dat we ons, echt waar, afvroegen waarom we, behalve uit clubliefde, eigenlijk bleven komen. Verf zien opdrogen was soms spannender dan wat er op het veld gebeurde.

Maar gisteren was het gewoon goed. Veel enthousiasme en inzet, maar vooral een ploeg die aanvallend voetbalde en waarvan de spelers zich niet wegstopten als de bal in de buurt kwam. Toegegeven, het was gisteren tegen Rumst, een ploeg uit een lagere reeks, en het was niet echt voor de punten, maar toch. Vaak zijn dat soort wedstrijden nog de moeilijkste.

Onze voorzitter, vorig jaar naarmate het seizoen vorderde de grootste criticus van de ploeg, zag er nu tevreden uit. De nieuwe spelers -of de teruggekeerde oude spelers- brengen de ploeg duidelijk wat bij. Vooral de invalbeurt van onze meest exotische nieuwkomer, Zourab Shiolashvili, volgens diegenen die er meer van weten ooit nog aan de slag bij Dynamo Tblissi, kon ons en de voorzitter bekoren.

Een uitermate plezierige voetbalavond, waarvan we hopen dat het de opmaat wordt van een leuk voetbalseizoen!

(Een gedetailleerd verslag van de feiten staat op de clubsite)

zondag 3 augustus 2008

Verrukkelijk


Soms is traag uitermate voordelig. Vaak gebeurt het dat we een leuk plaatje horen, maar dat het er op één of andere manier gewoon niet van komt om dat dan ook onmiddellijk te kopen. En vermits tegenwoordig boeken en cd's zichzelf in de winkels vooral in de eerste weken moeten bewijzen is dat plaatje, tegen de tijd dat wij er klaar voor zijn, al lang uit de rekken verdwenen. Pech gehad.

Maar gisteren hadden we geluk. In de zomerkoopjesperiode kom je soms, in de uitverkoopbakken, die plaatjes weer tegen die je schandelijk uit het oog had verloren. Gisteren vonden we zowaar het verrukkelijke Breakfast on the morning tram van Stacey Kent.

Voor wie Stacey niet Kent -een flauw grapje, maar het was sterker dan onszelf- hebben we alvast een leuk liedje geselecteerd: The Ice Hotel, het openingsnummer van de CD.

Voor wie dat soort dingen graag weet: de tekst van dit liedje -en van nog een paar andere nummers op de CD- is geschreven door Kazuo Ishiguro. En dat is dan weer de auteur van de roman The Remains of the Day, een jaar of vijftien geleden geweldig verfilmd met Anthony Hopkins en Emma Thompson in de hoofdrollen.

Dat wordt scoren bij Trivial Pursuit!

zaterdag 2 augustus 2008

Halfgaar en halfwild


Gisteren in de Volkskrant een lezersbrief van een waarlijk boos mens:

Uitstinken
Houd alstublieft op met het propageren van de barbecue en de barbecuerecepen (Servicepagina, 31 juli). Ik woon in een bovenhuis en ben bij mooi weer verplicht mijn ramen te sluiten omdat ik anders het huis uitstink. Leer de mensen behoorlijk koken en eten en niet van dat halfwilde en halfgare gedoe.
H. Dorff, Amsterdam


Zouden de benedenburen van H. Dorff ook De Volkskrant lezen?

En nu we het toch over eten en drinken hebben, in dezelfde krant kon je ook lezen dat de stad Los Angeles besliste om fast-food restaurants geen vergunning meer te geven zich te vestigen in de arme buurten. Zo wil de stad iets doen aan het gegeven dat met name arme Amerikanen veel te vet zijn.

Er is een klassiek filosofenargument dat in het jargon wel eens als the thin end of the wedge-move wordt omschreven. Het is de redeneertruc waarbij je opwerpt: ja, maar als we daar mee beginnen, waar eindigt het dan...

In dit geval moet er ons effectief een krachtig geformuleerd ja, maar als we daar mee beginnen, waar eindigt het dan... van het hart. Moeten we, zoals een tegenstander van de maatregel opwerpt, in de toekomst veiligheidsmensen verwachten aan de deur van restaurants, die zwaarlijvige mensen tegenhouden en zeggen: jij bent te dik, je mag geen cheeseburger?

En nog eentje over modern leven en eten en drinken. In het best vermakelijke Discover Your Inner Economist, van allesweter Tyler Cowen, staat een boeiend gedachtenexperiment. Mensen, weten we, presteren nog het best als er iets op het spel staat. Een uitermate effectieve manier van diëten is dan misschien wel dat je, als je gewicht wil verliezen, een contract afsluit met iemand. Haal je op de afgesproken datum je afgesproken streefgewicht niet, dan moet je die ander een flinke som geld. Zou dat werken? Iemand dat al eens uitgeprobeerd?

(Cowen raadt ten stelligste af om te proberen je geliefde tot matiging aan te zetten door per kilo gewichtsverlies een som geld in het vooruitzicht te stellen. Daar komt geheid gedonder van. In sommige gevallen vormt geld geen geschikte prikkel, leert de wetenschap.)

Ons lukt het diëten tot hiertoe overigens wonderwel. Goed tien kilo kwijt op zeven maanden. Has it ever struck you that there's a thin man inside every fat man, just as they say there's a statue inside every block of stone, schreef George Orwell. Als je goed kijkt zie je bij ons het dunne exemplaar al komen piepen.

vrijdag 1 augustus 2008

Dame met hondje


Lang geleden dat we het nog eens over onze vrienden de dieren hebben gehad. Vandaag: onze vrienden de dieren in Saoedi-Arabië. Daar hebben de mollahs beslist dat het houden van katten en honden mensen alleen maar op slechte gedachten brengt. Daarom: geen honden en katten meer.

Het is opmerkelijk waarvan de mollahs niet allemaal denken dat het tot slechte gedachten leidt. Het vergt bijzonder veel verbeelding -of een geest geneigd tot slechte gedachten- om volgende redenering tot een goed einde te brengen:
1. Mensen hebben hond of kat;
2. er zijn mannetjes- en vrouwtjesmensen;
3. mensen wandelen met hond of -in mindere mate- kat;
4. daarbij komen mensen elkaar tegen;
5. daarbij komen die mannetjes- en vrouwtjesmensen elkaar tegen;
6. SEX, SEX, SEX;
7. dus: honden en katten verbieden!

Gek toch dat de meeste godsdiensten zo bezeten zijn van sex. Overal zien ze verleidingen die dan prompt ook maar moeten worden uitgebannen. Alle godsdiensten? Hindoes en Boeddhisten leken tot hiertoe een enigszins meer ontspannen houding aan te nemen, maar ook dat lijkt te veranderen, aldus de Brits-Indiase filosoof Bhikhu Parekh.

In zijn nieuwste boek (A New Politics of Identity: Political Principles for an Interdependent World, Londen, Palgrave Macmillan, 2008) merkt hij op dat, naarmate in Azië de middenklasse groter wordt, de godsdiensten puriteinser worden. Waarom? Mensen die opwaarts mobiel zijn willen zich distantiëren van het gepeupel. Dat wordt geacht tot een iets primitievere soort te behoren. De opwaarts mobiele mens toont zijn superioriteit doordat hij in staat is zijn driften te bedwingen. Daarom hangt hij dan ook bij voorkeur een versie van het geloof aan waarin slechte gedachten en vuile manieren worden verketterd.

Dat is een interessante observatie. Wat Parekh constateert is precies wat er in de loop van de negentiende eeuw ook in Europa gebeurde. Een opwaarts mobiele groep -de ondernemers, de bedienden, later het respectabel deel van de arbeidersklasse- wou zich onderscheiden van het lager gesitueerde bevolkingsdeel, dat geacht werd ruw en primitief te zijn en zijn driftleven niet onder controle te houden. Die opwaarts mobielen zochten in de kerk bevestiging van hun gelijk. Vandaar de puriteinse wind die door het protestantisme en later ook door het katholicisme waaide.

In de negentiende eeuwse romans hebben dames steevast een hondje, waarmee ze gaan wandelen of die ze, als er bezoek komt, er de hele tijd bij halen. Nu weten we waarom: SEX, SEX, SEX.

Die mollahs niet onderschatten.

(Het prentje: Sir John Everett Millais (1829-1896), The Black Brunswicker. Achter het rode strikje, linksbeneden, gaat een hondje schuil. Even klikken op de foto en je ziet Fikkie beter zitten.)

donderdag 31 juli 2008

Stuur Rose een kaartje


Vandaag nog eens een stukje waar we geen vrienden mee zullen maken. Vandaag vieren we de verjaardag van Milton Friedman die op 31 juli 1912 werd geboren. (Overigens: een dag waarop nogal wat beroemde mensen kaarsjes uitblazen: Constant Permeke, Louis De Funes, Primo Levi, Oleg Popov, Ivan Rebroff, Cees Nooteboom, Geraldine Chaplin, Wesley Snipes en J.K. Rowling, bijvoorbeeld.)

Waarom vinden we Milton Friedman bijzonder? Omdat het boekje Free to Choose, dat hij ooit samen met zijn echtgenote Rose Friedman (hierboven zie je ze samen op de foto) schreef, ons destijds de ogen heeft geopend. Net zoals iedereen die opgroeide in de jaren zeventig en niet nadacht, waren we vanzelfsprekend voor een socialistische economie. Want het kapitalisme, dat was maar niets: verspilling, uitbuiting, armoede, onvrijheid, dictatuur. Hoe zo'n socialistische economie er zou uitzien, wist niemand. Uiteraard zou het niet zo'n onding zijn als in de Sovjet-Unie of China (verspilling, uitbuiting, armoede, onvrijheid, dictatuur). Nee, hoor: wij waren voor het Echte Socialisme. Rechtvaardig, maar toch welvarend. Solidair, maar toch de volle vrijheid. Uiteraard.

We waren, zoals gezegd, niet slim. Wat enigszins voor ons pleit is dat we ons heel ongemakkelijk voelden, telkens we de lof zongen van het Echte Socialisme. We geloofden namelijk niet echt dat het allemaal zo eenvoudig kon zijn. Hoe zou dat in zijn werk gaan, zo'n economie waar we samen beslisten wat we gingen produceren en dat dan vervolgens samen ook deden? Wat gebeurde er bijvoorbeeld met wie iets anders wou of met wie er zo'n beetje de kantjes van afliep? Het standaardantwoord daarop was dat zulks niet zou gebeuren onder het Echte Socialisme, want dan zouden we allemaal Gedreven worden door Hetzelfde Ideaal. En intussentijd? Tja, je kon, legden slimmere mensen uit, nu eenmaal geen omelet bakken zonder eieren te breken.

Dat eieren breken vonden we maar niets. Vooral omdat we zelf niet zo'n geweldige groepsmensen zijn en een probleem hebben met gezag. Vooral ook omdat we dat eigenlijk best wel goede eigenschappen vinden. Ook al omdat we er van overtuigd zijn dat het precies die eigenschappen zijn die het leven draaglijk maken. Het Echte Socialisme, vreesden we, leek nog het meest op eeuwig op kamp met mensen die je niet bijzonder aardig vindt, maar die wel de hele tijd voor jou beslissen welke klussen jij moet opknappen en aan welke activiteiten je zal deelnemen. Hell.

En dus lazen we Milton en Rose Friedman. En sindsdien zien we de dingen anders. Wat het echtpaar Friedman probeert duidelijk te maken is dat, als je vrijheid belangrijk vindt, er geen alternatief bestaat voor de markt: "The market gives people what the people want instead of what other people think they ought to want. At the bottom of many criticisms of the market economy is really lack of belief in freedom itself."

Ja? En wat als je arm en ziek bent of geen vaardigheden hebt waar vraag naar is op die markt? Milton Friedman is, net als wij, een groot voorstander van een soort van universeel basisinkomen, een zogeheten negatieve inkomstenbelasting.

Ja? Maar was Friedman geen vriend van de Chileense dictator Pinochet? Meer zelfs: lag Friedman niet aan de basis van het economisch beleid van Pinochet? Zijn trouwens al die rotliberale volgelingen van Friedman, als puntje bij paaltje komt, zoals Naomi Klein in The Shock Doctrine beweert, geen voorstanders van een frisse dictatuur?

Dat zetten we graag even recht. Vooreerst vind je hier een lang stuk van de Zweedse liberale publicist Johan Norberg, die kipkap maakt van de stellingen van Klein (hier een bespreking van Tyler Cowen, van datzelfde boek). En hier kan je lezen hoe het nu precies zat met Friedman en Pinochet: Friedman bezocht Chili één keer, in 1975, twee jaar na de staatsgreep. Hij gaf er een reeks lezingen, hij sprak drie kwartier met Pinochet. Punt. Interessant is dat hij dezelfde lezingen in dezelfde periode ook in China en Joegoslavië gaf: niemand die daar tegen protesteert, niemand die Friedman verantwoordelijk houdt voor de Chinese dictatuur of de Joegoslavische oorlog. Kan natuurlijk altijd nog.

Of het slim is om dictatoriale landen te bezoeken en om met dictators te praten is een andere zaak. Alleszins, over het Chili van Pinochet schreef Friedman later: "Chile is not a politically free system and I do not condone the political system ... The conditions of the people in the past few years has been getting better and not worse. They would be still better to get rid of the junta and to be able to have a free democratic system."

Rose en Milton waren 68 jaar getrouwd en waren aan elkaar gewaagd. In de zomer van 2006 werden ze samen geïnterviewd in The Wall Street Journal (22.07.06). Milton was tegen de oorlog in Irak, Rose voor. Lees even mee:

"What's really killed the Republican Party isn't spending, it's Iraq. As it happens, I was opposed to going into Iraq from the beginning. I think it was a mistake, for the simple reason that I do not believe the United States of America ought to be involved in aggression." Mrs. Friedman -- listening to her husband with an ear cocked -- was now muttering darkly.

Milton: "Huh? What?" Rose: "This was not aggression!" Milton (exasperatedly): "It was aggression. Of course it was!" Rose: "You count it as aggression if it's against the people, not against the monster who's ruling them. We don't agree. This is the first thing to come along in our lives, of the deep things, that we don't agree on. We have disagreed on little things, obviously -- such as, I don't want to go out to dinner, he wants to go out -- but big issues, this is the first one!" Milton: "But, having said that, once we went in to Iraq, it seems to me very important that we make a success of it." Rose: "And we will!"

Mrs. Friedman, you will note, had the last word.


En hoe is het nog met Rose? Een tijdje terug kon je lezen dat Rose Milton wel erg mist. Een Nederlandse sympathisant opperde toen dat we haar misschien met z'n allen een kaartje kunnen sturen voor haar, eind dit jaar, zevenennegentigste verjaardag. Rose's preciese geboortedatum is verdwenen in de mist der tijden: toen ze in december 1911 in het Russische Staryi Chortoryisk werd geboren stak het nog niet zo nauw met de burgerlijke stand.

Voor wie Rose wil opbeuren, hieronder haar adres:
1515 Shasta Drive
App. 1218
Davis,
California 95616
U.S.A.

woensdag 30 juli 2008

De wraak van het boek


Als je, in de jaren tachtig, je gehoor wou overtuigen van de perfiditeit en algemene verdwazing van het kapitalisme, was dit altijd een sterk argument: er zijn inmiddels meer videotheken dan boekenwinkels!

Welke dreiging er voor de boekenwinkels precies uitging van die videotheken hebben we nooit goed begrepen. Er zijn vermoedelijk ook meer behangerszaken en badkamerwinkels dan boekhandels. Moeten we dat dan ook erg vinden?

Anyway. Al die mensen die toen zo vreselijk ongerust bleken, waren deze morgen ongetwijfeld heel erg opgelucht toen ze de krant opensloegen: het gaat namelijk bijzonder slecht met de videotheken. De laatste vijf jaar heeft bijna 30 procent van de zaken zijn deuren gesloten. Vandaag blijven nog zo'n 350 videotheken over, in 2003 waren dat er nog 480.

Hoeveel boekhandels zijn er eigenlijk in Vlaanderen? In 1969 werd de Vlaamse Boekverkopersbond (VBB) opgericht. Vandaag, lezen we op de site van de VBB, zijn er niet minder dan 335 boekhandels lid van de vereniging. Laten we er van uitgaan dat er hier en daar nog wat ongebonden boekverkopers zijn en dan valt het dus nogal mee met de dominantie van de videotheken.

In De Standaard laten ze wat volk uit die videotheeksector aan het woord. Ene meneer van Eeckeren van Circle legt uit waarom het zo slecht gaat, maar vooral ook hoe ze hopen het tij te keren:

Vandaag beslaat de verhuur van dvd's bij Circle nog maar de helft van de omzet. De rest wordt uit de verkoop van films gehaald. In oppervlakte zal in de toekomst nog maar een derde van een videotheek uit huur-dvd's bestaan. In enkele vestigingen is Van Eckeren zelfs al met het aanbieden van games en boeken gestart. Ook snoep en drank gaan vlot over de toonbank. 'Sommige videotheken beginnen steeds meer op een nachtwinkel te lijken.'

Dat moet mensen toch vrolijk maken: de wraak van het boek. Videotheken, radeloos op zoek naar nieuwe bronnen van inkomsten, hebben nu boeken in aanbieding.

Nee hoor, het komt wel goed met de beschaving.

dinsdag 29 juli 2008

Kijk, een hoogontwikkeld land


We weten niet goed hoe we dit bericht, op de website van de BBC, precies moeten interpreteren. In heel Groot-Brittannië, zo blijkt, maakten er het afgelopen academiejaar welgeteld drie -3- studenten hun lerarenopleiding economie af. En dat op een totaal van ruim 38.000 aspirant-leraars.

Ofwel is er werkelijk geen hond meer geïnteresseerd in economie, ofwel is er elders veel meer vraag naar mensen met een achtergrond in die materie en zijn er daarom geen nieuwe leraars meer te vinden.

We neigen naar de eerste verklaring. Als je het bericht verder leest blijken er bijvoorbeeld meer scholieren eindexamen te doen in pretvakken als media studies of lichamelijke opvoeding dan in economie. Sinds 1999 nam het aantal middelbare scholieren dat economie in zijn vakkenpakket heeft met een kwart af. Leerlingen, lees je nog, volgen ook geen talen meer of wiskunde. Allemaal dingen die het nadeel hebben dat je er een inspanning moet voor doen.

Wat moeten we daarvan denken? Enerzijds lijkt dat wel wat, zo'n hele generatie die allemaal warme en medemenselijke dingen studeert als psychologie of expressieve kunsten. Maar anderzijds kunnen die jongens en meisjes, eens ze de leeftijd bereiken om hogere studies aan te vatten, ook alleen maar in allerhande softe sudierichtingen terecht. Richtingen waar ze later op de arbeidsmarkt ook weer niet zo verschrikkelijk veel aan hebben.

Niet de schuld van die leerlingen, uiteraard. Wel van de onderwijsbobo's die hebben mogelijk gemaakt dat je alle moeilijke vakken uit de weg kan gaan. Goed voor de onderwijsstatistieken natuurlijk: iedereen studeert af en iedereen kan naar de universiteit. Kijk wat een geweldig hoogontwikkeld land we zijn!

Maar wel bedrog, natuurlijk.

maandag 28 juli 2008

Goed weer/slecht weer?


Gelukkig is er nog het weer. Te warm, te koud, te nat, te droog: altijd is er wel iets om over te klagen. En niets is zo goed voor de sociale samenhang als samen zeuren over iets waar, wat je er van vindt, geen consequenties heeft.

Zouden er ooit al mensen met elkaar op de vuist zijn gegaan over het weer?

Niet over vragen zoals of de aarde nu al dan niet opwarmt: het antwoord op dat soort kwesties kan je inderdaad vrienden kosten. Maar hebben er ooit al mensen ruzie gemaakt over het feit of het op dat moment nu al dan niet goed weer was?

Uiteraard kan je van mening verschillen over het weer in functie van je positie. Boeren klagen over andere dingen dan toeristen. Waar de ene een malse plensbui verwelkomt, wil de andere hooguit zachte schapenwolkjes. Maar dan nog zullen agrariërs en dagjesmensen het vermoedelijk wel eens zijn over wat op dat moment de toestand van het weer is.

We herhalen: gelukkig is er het weer nog. Dat schept een band tussen de mensen.

En om meteen maar een einde te maken aan de consensus: de medische wetenschap geeft argumenten voor de stelling dat de opwarming van de aarde ook goede kanten heeft. Vandaag lezen we in NRC Handelsblad: Man leeft langer door warm weer.

De levensverwachting van vooral mannen is in Nederland de afgelopen vijf jaar sterk gestegen. Dat komt vooral door de warmere winters. Mensen krijgen dan minder snel een ziekte waaraan ze overlijden.

Nu de ijsberen nog.

zondag 27 juli 2008

Schoenen in het bos


Mevrouw pst. ging gisteren, zonder ons, naar het museum en leverde onderstaand verslag af.

Ik ben deze morgen naar de tentoonstelling over Véronique Branquinho geweest in het Momu. Het was zeer leuk. Je liep in een donker bos tussen de bomen en aan de takken hingen schoenen (zie foto hieronder), en op achtergrond hoorde je de stappen van naaldhakken. De droomkamer van Twin Peaks was nagemaakt, met rode gordijnen en zwart wit geblokte vloer, met een jukebox waar je zelf liedjes mocht kiezen. En overal tussendoor stonden paspoppen, met daarop highlights uit haar collectie, waar je van dichtbij alle details goed kon bekijken. In een ronde zaal stonden Emanuelle-zetels van waaruit je naar filmpjes van haar collecties kon kijken. Véronique schijnt ook een snelheidsduivel te zijn en dus hadden ze voor haar een in tweed "gepimpte" porsche gemaakt (zie foto boven). Je kon ook luisteren naar een sprookje van Oscar Van de Boogaard over jagers in het bos die door vrouwen (gekleed in VB, natuurlijk) verleid werden en nooit meer terug kwamen.
Zeer geslaagd, duidelijke lijn, duidelijke visie en standpunten: alles waar ik van hou! En mooie schoenen natuurlijk …
PS: het is ook zeer leuk bijna helemaal alleen in een tentoonstelling rond te lopen …



(De tentoonstelling Moi Veronique. Branquinho toute nue loopt nog 17 augustus in het Antwerpse Modemuseum)

zaterdag 26 juli 2008

Weg van Waregem


Omdat de Grondhopper nog zoveel mogelijk Belgische stadions wil bezoeken vooraleer hij definitief naar Amerika vertrekt, zakten we gisteren af naar Waregem. Daar ontving het plaatselijke Racing -Rassing zeggen de inboorlingen- de buren uit Torhout.

Waregem is één van die plaatsen waar je niet komt als je er niet moet zijn. Dat weten ze daar ook, want ze maken het bezoekers niet makkelijk. Bussen rijden er niet na zessen, dus leek het er even op dat we de lange tocht naar het stadion te voet zouden moeten afleggen. Omdat we daar niet zo'n vertrouwen in hadden, spraken we op de Grote Markt een stelletje vriendelijk ogende alternativo's aan. Die vertelden dat de afstand nog groter was dan we dachten -het leken ook niet echt wandelaars- en dus lieten we op hun aanraden een taxi bellen. De taximan bleek al evenzeer onder de indruk van het feit dat we helemaal naar de andere kant van de gemeente wilden. In Waregem zijn de afstanden mentaal groter, denken we.

Voetbal lijkt wel gemaakt voor warme zomeravonden. Het veld van Racing Waregem ligt tussen de akkers. Naast het B-terrein waarop de wedstrijd werd gespeeld graasden blonde koeien in de ondergaande zon. Idyllisch. Maar dat vonden de spelers op het veld niet. Wat uiteindelijk een vrijblijvend vriendenwedstrijdje moest worden, leek tegen het einde van de eerste helft te ontaarden in een ordinaire knokpartij.

Een speler van Waregem zou -die fase hebben we gemist- één van Torhout met de vinger in het gelaat hebben geprikt. Dat is in die streken een gruwelijke belediging, denken we, want die van Torhout repliceerde met een vuistslag recht op de neus van de Waregemnaar. In geen tijd bemoeiden alle spelers zich met het incident. Net toen we dachten: dit komt nooit meer goed, slaagde de scheidsrechter er, samen met wat oudere spelers van beide ploegen, toch in de boel te bedaren.

Dachten we. Want toen de scheidsrechter daarna opnieuw de beide boosdoeners bij zich riep, haalde plots de Torhoutenaar, die inmiddels al een bloedneus had, met een directe rechtse uit en sloeg zijn oorspronkelijke aanvaller nog eens vol in het gelaat. Weer heisa. De twee spelers werden weggestuurd, waarna ook een aantal supporters elkaar begon af te dreigen. Licht ontvlambaar volkje, besloten we. Zelf dachten ze daar, bleek tijdens de pauze, anders over. De supporters van beide ploegen besloten eensgezind dat het allemaal de schuld van de scheids was. Die had maar sneller moeten ingrijpen. Zo zijn wij Vlamingen helemaal: het is nooit onze schuld. We timmeren iemand op z'n neus, maar dat komt omdat niemand ons tegenhield. Kunnen wij niet aan doen. Toch?

De rest van de wedstrijd? Ook heel erg Vlaams: stug verdedigen. De beide teams hadden in de voorbereiding duidelijk veel theorieles gekregen over positiespel. Iedereen liep op het veld dan ook de hele tijd op elkaar te roepen: alleen, aansluiten, controleren. Die van Waregem huldigden het principe dat als de tegenspeler de bal heeft, je minstens met negen moet verdedigen. Gelukkig hadden ze een goede aanvallende middenvelder die behoorlijke counters kon opzetten, maar die strandden dan weer op de negen verdedigers van Torhout. Er werd misschien drie keer echt op doel geschoten, voor de rest werd er heel erg kort op elkaar gespeeld en alles muurdicht gemetseld. Toch twee doelpunten gezien: een penalty en zo'n typische frommelgoal.

(Op de sites van Rassing en van Torhout staan ook wedstrijdverslagen. Aan het geknok worden geen woorden vuil gemaakt: in de streek zijn ze duidelijk meer gewoon.)

Op de terugreis voerde dezelfde taximan ons naar het station. Hij vroeg of we scouts waren. Heel even speelden we met de gedachte de man toe te vertrouwen dat we voor Een Grote Club een Lokaal Talent kwamen scouten. Maar dat leek ons niet fair tegenover de brave mensen van Waregem en dus vertelden we maar van Grondhopper's Queeste. Toch ook een mooi verhaal.

Terug in het station merkten we op het perron opnieuw onze oude vrienden op, de twee jongens die ons eerder een taxi hadden aangeraden. Nu gingen ze in een bont gezelschap fuiven in Gent. Onze vrienden vertrouwden ons toe dat je het als aanhanger van underground -die term, dachten we, werd voor het laatst in die betekenis gebruikt in 1975- niet makkelijk had in Waregem. Dat merkte je ook aan de samenstelling van de groep: de ene zag er uit als een surfrocker, de andere was punk, een derde deed aan hiphop en anderen zweerden bij metal. Bij gebrek aan eigen subcultuur klitten alle undergrounders dan maar samen.

Naarmate het uur vorderde werd het perron steeds voller. Allemaal jonge mensen die weg wilden van Waregem.

Begrijpen we helemaal.

(Het prentje: de Grote Markt. Het is er inmiddels wel wat veranderd)

vrijdag 25 juli 2008

Sociologie kan zoveel boeiender


Als je een klassiek werk leest zijn de hoofdlijnen vaak nog het minst interessant. Die ken je vermoedelijk al wel uit tweede of derde hand. Veel meer tot de verbeelding sprekend zijn de zijdelingse opmerkingen, de dingen die de auteur schrijft zonder er veel aan toe te voegen, omdat hij ze als algemeen gekend of vanzelfsprekend beschouwt. Uit die zijdelingse opmerkingen kan je veel leren. Over de auteur, maar ook over ons.

We lezen Emile Durkheim, De la Division du Travail Social. Daarin gaat het, zoveel herinnert iedereen zich nog wel uit een cursus sociologie uit ver vervlogen tijden, over de evolutie die de samenleving doormaakt van minder tot meer complex. Nadat Durkheim (prentje bovenaan) omstandig heeft uitgelegd waarover het gaat -en Durkheim kàn omstandig uitleggen- probeert hij ook verklaringen te geven.

In de marge van een oplijsting van verantwoordelijke factoren heeft hij het er opeens over dat "il est impossible que les peuples les plus forts ne tendent pas à s'incorporer les plus faibles (...); c'est une loi mécanique de l'équilibre social non moins nécessaire que celle qui régit l'équilibre des liquides."

Dat roept vele vragen op. Bijvoorbeeld: waarom is dat inzicht -toch niet het minste: sterke samenlevingen slorpen op één of andere manier onvermijdelijk zwakkere op- eigenlijk nooit deel geworden van de sociologische canon? Omdat sociologen niet zo geweldig geïnteresseerd zijn in vraagstukken van oorlog en vrede? Omdat ze, vaak van linkse of alleszins wereldverbeterende huize, dit soort opmerkingen -net als Durkheims uitweidingen over schedelomvang- ietwat onkies vinden? Omdat het een beetje te veel lijkt op wat mensen op de trein ook tegen elkaar zeggen als ze filosofisch worden over de wereldpolitiek?

Het gekke is: eigenlijk heeft Durkheim het hier over een wetmatigheid die veel meer tot denken aanzet dan de nogal saaie verbanden tussen soorten recht en types samenleving die hij ook in dit boek onderscheidt en die generaties brave sociologiestudenten ooit uit het hoofd hebben geleerd.

Sociologie kan zoveel boeiender.

zondag 20 juli 2008

Op politiebevel gesloten


We hadden ons de vakantie wel anders voorgesteld. We zaten nog maar net op een zuiders terrasje of er stopte met veel gedraas een detachement politiecombi's. Of we eventjes konden meekomen? Geen probleem, dachten we. Zal wel een misverstandje zijn. Twee weken en talloze kruisverhoren later denken we daar anders over.

Of we ene Anton Grisjka kenden? Die kenden we niet. Hoe verklaarden we dan dat deze meneer ons als zijn werkgever opgaf? En hoe verklaarden we dat deze Grisjka bleef herhalen dat wij alles zouden kunnen uitleggen? En of we dat dan meteen ook maar zouden willen doen?

Anton Grisjka werd kennelijk in Nederland opgepakt wijl hij verboden spul kocht. Omdat Interpol al een hele tijd achter een misdadigersbende uit de Balkan aanzat, dachten ze dat Grisjka, onder druk gezet, wel zou vertellen wie zijn bazen waren. Dat waren wij, bleef Grisjka herhalen.

En toen werd het erg verwarrend. Of wij meer wisten van een blog, almaar kleiner groeien genaamd? Wisten we, inderdaad: was onze blog! Of de inspecteur een trouwe lezer was, grapten we nog. Maar toen werden we in beschuldiging gesteld. We hadden bekend Het Brein achter het misdaadnetwerk te zijn en dus verdwenen we achter de tralies. Misverstand, bleven we denken. Komt wel goed. Niets van, zo bleek. De pret begon maar pas.

Volgende dag nieuwe ondervraging. Met een advocaat erbij. Uitgelegd dat we inderdaad blog hadden. Uitgelegd dat we nu met vakantie waren en blog hadden doorgegeven aan drie meisjes. Van de Provinciale Hogeschool Harelbeke. Waar waren die meisjes dan, vroegen ze? Wisten wij veel. En of we wel vaker de gewoonte hadden jonge meisjes aan te nemen en vervolgens niet te weten waar die vertoefden. Nog een paar aanklachten erbij: ontvoering van minderjarigen en mensenhandel. Onze advocaat was heel meelevend, met de politie dan vooral. Dat we maar beter alles konden opbiechten. De politie was nu nog erg vriendelijk, maar dat kon altijd nog veranderen, verzekerde onze raadsman. Met wat geluk kwamen er vanaf met een jaartje of twintig.

Gelukkig deed inmiddels Interpol zijn werk. De drie Harelbeekse troela's bleken op een of andere Turkse playa of costa te zitten, samen met hun vriendjes. Die vertelden dat ze een buitenlandse klasgenoot, Anton Grisjka, Erasmusstudent uit Syldavië, hadden ingehuurd om de afwezigheid van hun liefjes te maskeren. De aanklachten voor mensenhandel en ontvoering van minderjarigen vielen weg.

Maar omdat de arme Anton inmiddels al was overgeleverd aan de politie van zijn land en daar -we willen liever niet weten wat de methodes zijn van de Syldavische politie- schuld had bekend aan ongeveer alles wat zijn ondervragers konden verzinnen, blijven we officieel verdachte in een internationaal misdaadonderzoek.

En daarom wordt deze site, tot nader order, op politiebevel gesloten.

donderdag 3 juli 2008

The Hills of Nagorno Brod

(Tijdens de zomer wordt de blog onderhouden door jobstudenten)


Once again, greetings from Anton from Syldavia! Erasmus-exchangestudent in The Tourist Sciences at the prestigious Provincial University of Harelbeke!

It has been an eventful day. My fellow students Elke, Shanaiah and Britney told me of another very interesting Belgian tradition. During the Summer Season, they explained, it is customary for the boyfriends to take their girlfriends on Last Minute Holiday Trips. This is, I was told, a custom which is supposed to guarantee that the young couples will later have a happy marriage and will be blessed with numberous children. Unfortunately, my fellow students explained, they were unable to participate in this wonderful and very ancient tradition, because they would daily have to work on this blog.

I deduced from the expression on their faces how their hearts longed to perpetuate this age old custom. Therefore, I suggested that I could do the blog for them. It took a while for me to convince them, but finally they agreed. Elke, Shanaiah and Britney are now on their way to the Turkish holiday resort of Antalya. Perpetuating a very old Belgian custom.

I regret that we in Syldavia don't have this wonderful ancient tradition. In Syldavia, when a boy reaches the marriageable age, his father goes to the market and buys a bride. Sometimes, if you are lucky, the bride does not have a beard or a moustache. However, we seldom are lucky in my country.

On the picture, you see the Hills of Nagorno Brod. In these hills, my family has always lived. During the Cherry Picking Season, we pick the cherries which we later make marmalade from. The rest of the year, we raise the rabbits, which we sell to eachother or trade for pots of cherry marmalade. Later, after having finished my studies in the Science of Tourism at the prestigious Provincial University of Harelbeke, I will return to Nagorno Brod and start my own Holiday Resort. Tourists will be able to pick cherries themselves and participate in the marmalade making. They will also be able to hunt the rabbit. It will be so exciting!

Tomorrow, I go to Holland on an errand for another fellow student. He has asked me to do something for his grandmother who is very ill and who he is nursing on her sickbed. Apparantly, she needs some Medicinal Herbs that can not be bought in Belgium. He has given me the adress in Maastricht of a place called The Coffeeshop. There I will have to ask for the traditional herbs called Nederwiet.

I really do hope that my fellow student's grandmother will get beter from this Medicinal Herb called Nederwiet! Next to cherries and rabbits, the most important thing in life is the family, we Syldavians always say.

Greetings from Anton from Syldavia! Erasmus-exchangestudent in The Tourist Sciences at the prestigious Provincial University of Harelbeke!

Greetings from Anton from Syldavia!

(Tijdens de zomermaanden wordt de blog bijgehouden door jobstudenten)


Greetings from Anton from Syldavia! Erasmus-exchangestudent in The Tourist Sciences at the prestigious Provincial University of Harelbeke! Blessings to you all and may your cherry trees eternally blossom and your rabbits multiply fruitfully, as we say at home in Syldavia.

I am very honoured to write on this blog which is very famous throughout the Kingdom of Belgium. This was explained to me by my honourable fellow students at the prestigious Provincial University of Harelbeke: Elke, Shanaia and Britney. My fellow students told me about the ancient traditional Belgian custom whereby in the beginning of the Summer month of July, young ladies all go shopping. In order to help them to be able to participate in these proud ancient traditions, I was very happy to replace them as the editor of this blog.

My country, Syldavia, is a very young country. We don't have that many ancient and historical traditions. Our ancestors in Syldavia lived in the hills, picked the cherry trees and raised the rabbits. In fact, that is what we still do. We are very proud of our national dish: rabbit with cherries! It is very tasty indeed!

I am staying in your beautiful Kingdom in order to study the Science of Tourism. The prestigious Provincial University of Harelbeke has a very fine department in which the Sciences of Tourism can be studied. In the prestigious Provincial University of Harelbeke they believe very strongly in learning by doing. You can learn nothing from the books, our honourable professors say! Our professors never read books, they say! They are all of them very experienced Scientists: for instance, one professor is also running a hotel, another is the owner of a bakery shop and a third one sells vegetables.

As an Erasmus exchange student, I have already learned a lot by doing. During the day I learn the Science of Tourism in the well known Vegetable Selling Shop of one professor. In the evening, I learn the Science of Tourism from another professor in his well known Hotel, by waiting at the tables and doing the dishes and cleaning the kitchen. Learn by doing, indeed! At night, I learn even more Science of Tourism, being able to work in the well known Bakery Shop of one of our esteemend professors.

And now, I am editing this blog which is very famous throughout the Kingdom of Belgium! My parents and my family will be very proud of me. They sell many rabbits and make lots and lots of cherry marmalade in order to send me the money to be able to pay my professors to be able to work in their well known and professionally run Vegetable Selling Shops, Hotels and Bakery Shops. Very soon now the Science of Tourism will have very little secrets left for me to discover!

Greetings from Anton from Syldavia! Erasmus-exchangestudent in The Tourist Sciences at the prestigious Provincial University of Harelbeke!

woensdag 2 juli 2008

Het Nieuws van de Dag

(Deze zomer wordt de site door jobstudenten onderhouden)


HALLO, HIER Het NIEUWS van DE daG met ELKE, SHANAIA & BRITNEY!!!

KEITOF!! WIJ ZIJN NU ECHT JOERNALIST. NET ALS DIE ENE ZURE VAN HET JOERNAAL VAN DE VRT, MARTINE TANGHE. KUNNEN ZE DAAR NU NIET ZO'N BEETJE EEN JONGERE VOOR KIEZEN? ZO'N TOFFE GELIJK ANN VAN HELSEN OFZO. DIE IS JUIST GETROUWD MET NE VOETBALLER. HET IS NE KNAPPE, nEN DONKERE EEN BEETJE. DEN BROER VAN sANDRINE; mAAR DI VONDEN WE VROEGER TOch BETER. DIE DENKT ZEKER DAT ZE HET IS OFZO?

HET NIEUWS VAN VANDAAG KOMT UIT GENT. dEN TIMOTHY, HET LIEF VAN SHANAIA, STUDEERT IN GENT VOOR TANDARTS. SOMMIGE MENSEN ZEGGEN: DAT IS MAAR EEN VIES BEROEP. ZO ALTIJD IN de MENSEN HUN MOND MOETEN KOTEREN. MAaR tIMOTHY ZEGT DAT GE ALTIJD TANDARTSEN ZULT NODIG HEBBEn en DAT GE NIET GAUW NEN ARMEN TANDARTS TEGENKOMT. DAAR IS WEL IETS VAN, wANT ER ZIJN NOG VEEL MENSEN MET VAN DIE GELE TANDEN enZO. GE VERSTAaT NIET DAT DIE DAAR NIETS AAN DOEN. GE HEbT UW EIGEN NIET GEMAAKT, ZEGT DE MOeDER VAN ELKE ALTIJD, MAAR GE KunT UW EIGEN WEL BETER MAKEN!!! DAT IS WEL WAAR, hé.

in GENT, WIST DEN TIMOTHY, STUDEREN ZE NU AF ZOALS IN DE aMERIKAANSE FILMS; mET NEN TOGA AAN EN ZO'N RAAR vierkant HOEDJE. dAT IS SUPERTOF!!! bIJ ONS DE SCHooL ZOUDEN ZE DAT OOK BETER DOEN. dAN WEET GE TENMISTE WAARVOOR GE STUDEERT! dE VADER VAN BRITNEY PLAAGT HAAR DAAR ALTIJD MEE. "WAARVOOR STUDEERT GE DAT NU, TOEGEPASTE COMMUNICATIESwETeschAPPEN?". "COMMuNiCEREN KAN IEDEREEEN. DAAR MOET GE NIET VOOR TOT UW 21'STE VOOR NAAR TSCHOOL GAAN". aWEL DAT IS NIET WAAR. STUDEREN IS KEITOF! eN WE KRIJGEN VEEL TALEN; eN TALEN HEBT GE OOK ALTIJD NODIG, ZEGT DE MOEDER VAN ELKE.

SALUKES! dAT WAS HET VOOR VAnDAAG!!!! kEITOF! pRECIES GELIJK IN heT ECHT!!!!

(OP DAT prentje HIER BOVEN ZIET GE ONS!!! OP DE RomijnenFUIF in DE GALACTICA. ShanaiaH hAD TOEN wel keivEEL gedroNKEN. ZO VAN DIE BREEZERS ENZO. DIE WAS DAARNA SUPERSUPPERMOTTIG!!!!)

dinsdag 1 juli 2008

Tot binnenkort!


Dit zijn ze dan: Elke Van Den Brande, Shanaia Smekens en Britney De Potter. Drie ongetwijfeld veelbelovende laatstejaarsstudentes toegepaste communicatiewetenschappen van de Provinciale Hogeschool Harelbeke (ProHoHa) die ook wel eens de sfeer van een echte redactie willen opsnuiven. Deze zomermaanden nemen zij, als jobstudent, onze blog tijdelijk over. We gaan er van uit dat ze dagelijks bijzonder interessante stukjes maken over wel en wee, over koetjes en kalfjes, over mens en kosmos. En dat natuurlijk allemaal met oog voor de bredere sociaal-economische context en rekening houdend met het multiculturele perspectief.

Tot binnenkort!